4 februari: Deel zijn van Gods gezin

Thema: Acceptatie in Gods gezin

Deel zijn van Gods gezin
field_red_flowers.jpg

4 februari

Gisteren lazen we dat Paulus zegt dat ieder nodig is in het Lichaam van Christus. Een ander beeld, dat in het Nieuwe Testament wordt gebruikt voor christenen, is dat van een gezin. Wij zijn allemaal leden van een en dezelfde familie. Het belangrijkste gebed dat Jezus Zijn discipelen leerde, begint met twee veelbetekenende woorden: ,,Onze Vader…”. Dat zegt ons twee dingen. Ten eerste hebben we een Vader, die God is. Dat betekent dat we verticaal – van boven naar beneden – door God zijn aanvaard. Maar het eerste woord is ‘onze’ en niet ‘mijn’ … Dat betekent dat we leden zijn van één familie, en dat vele andere leden in die familie dezelfde Vader hebben. Onze aanvaarding treedt dus ook horizontaal – links en rechts om ons heen – in werking, maar alleen als we onze plaats vinden in die familie en onszelf daar inpassen. Er is dus een verticale acceptatie van God en een horizontale acceptatie van Gods familie. (Dat wil overigens niet zeggen dat Gods gezin in de praktijk nooit fouten maakt – en dus die horizontale acceptatie niet altijd uitvoert, zoals God dat bedoelt. Als dat het geval is, moeten we des te meer onze veiligheid zoeken in Gods acceptatie, terwijl we nog steeds actief onze plaats blijven innemen in Gods familie.) 

Zo bent u dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers van de heiligen enhuisgenoten van God. (Efeze 2:19)

 

Het alternatief voor het ‘deel zijn van Gods gezin’, is ‘vreemdeling en immigrant’ (bijwoner) zijn. Die woorden hebben geen prettige lading. Ik ben in 1963 naar de Verenigde Staten geëmigreerd en pas in 1970 ben ik Amerikaans staatsburger geworden. Zeven jaar lang was ik dus een vreemdeling in dit land. De meeste mensen die staatsburger zijn door geboorte, hebben geen idee wat het is om een vreemdeling te zijn.

 

Ieder jaar moest ik op de eerste dag van januari een formulier invullen voor het Ministerie van Justitie, waarin ik hen op de hoogte stelde van mijn verblijfplaats. Ze moesten me kunnen vinden, als ze vragen over me hadden – of als ze me het land uit wilden zetten. Als ik het land uitging, moest ik bij mijn terugkeer in een speciale rij gaan staan, apart van de burgers van de Verenigde Staten, om mijn paspoort te laten controleren. Bij mijn paspoort moest ik ook altijd een kleine, groene kaart laten zien, waarop stond dat ik een vreemdeling was die in het land verbleef.

 

Er is dus onderscheid. Er bestaat verschil. Eigenlijk hoor je er niet helemaal bij, zolang je een vreemdeling bent. Maar God zegt: ,,Je bent niet langer een vreemdeling. Je hoort erbij. Je bent binnen. Je bent deel van de familie.” Maar dat wordt pas helemaal werkelijkheid als jij je plaats vindt in het lichaam. De psalmist schrijft:

 

.. een God Die eenzamen een thuis biedt (Psalm 68:7)

Onze Vader, dank U wel dat ik geen vreemdeling ben, maar dat ik mag horen bij Uw familie, bij al Uw kinderen die U ook onze Vader noemen. Ik hoor er bij! Wilt U mij helpen om, als soms anderen die bij Uw familie horen geen acceptatie hebben laten zien, hen te vergeven en mijn plaats te blijven innemen, door hen lief te hebben en te accepteren. Amen. 

 

Uit het boek: Gods antwoord voor afwijzing

DPM Wereldwijd…

SRI LANKA

Bid om Gods bescherming en zalving voor de DPM-India directeuren Elsie en Danny, die van 16-28 februari weer seminars met onderwijs en bediening gaan houden voor voorgangers en hun vrouwen

Bid dat er velen zullen komen en open staan voor het Woord, door het onderwijs van Derek.

 

DPM NEDERLAND

Nijverheidsweg 12
7005 BJ Doetinchem
KvK#: 41121393

CONTACT

E-mail: info@derekprince.nl
Telefoon: +31 (0) 251 255 044
(elke werkdag van 9.00 uur tot 13.00 uur)

ONDERWIJS- EN NIEUWSBRIEVEN

Ontvang onze gratis onderwijs- en nieuwsbrieven
- per post
- per email