Karakter deel 2: Gods vaderschap

Dit is het tweede deel van een studie over karaktervorming. Klik hier om deel 1 te lezen.


Om mijn Vader blij te maken

Door Derek Prince

Charismatische en evangelische christenen citeren graag de woorden van Jezus uit Johannes 14:6: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij. Toch geloof ik dat velen van ons zich alleen het eerste deel van dit vers hebben eigen gemaakt. Een weg is alleen nuttig als hij leidt naar een bestemming. Jezus is de weg, de bestemming is de Vader.

DE OPENBARING VAN DE VADER

In Zijn hogepriesterlijk gebed in Johannes 17:6 zegt Jezus tegen de Vader: Ik heb Uw Naam geopenbaard aan de mensen die U Mij uit de wereld gegeven hebt. Het Joodse volk kende de naam Jehovah (of Jahweh) al veertien eeuwen. De naam die Jezus nu aan hen openbaarde kwam zes keer voor in Zijn gebed. Het was "Vader".

Wat betekent het, als Jezus zegt dat Hij deze naam openbaarde aan Zijn discipelen? Doordat zij voor hun ogen zagen hoe Hij leefde als Zoon van God, konden zij iets begrijpen van wat het is om een persoonlijke relatie te hebben met God als Vader. Dit was onder het oude verbond nog nooit openlijk getoond aan het Joodse volk.

Jezus benadrukte dat alleen Hij de Vader kan openbaren. Alle dingen zijn Mij overgegeven door Mijn Vader; en niemand kent de Zoon dan de Vader, en niemand kent de Vader dan de Zoon, en hij aan wie de Zoon het wil openbaren (Mattheus 11:27). Ook Johannes zei: Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem ons verklaard (Johannes 1:18). Voor een openbaring van de Vader zijn we allemaal afhankelijk van de genade die alleen door Jezus tot ons komt.

De schrijver van Hebreeën maakt een onderscheid tussen de boodschap van de profeten uit het Oude Testament en de boodschap van Jezus: Nadat God voorheen vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had door de profeten, heeft Hij in deze laatste dagen tot ons gesproken door de Zoon… (Hebreeën 1:1)

Vanuit het Grieks kun je de Zoon echter ook vertalen met een Zoon. Gods boodschap in het Nieuwe Testament verschilt niet alleen inhoudelijk van Zijn boodschap in het Oude Testament, maar ook in de manier waarop ze tot ons kwam. In het Oude Testament sprak God via profeten; in het Nieuwe Testament sprak Hij door een Zoon. Alleen Jezus, als een Zoon, kon God aan ons openbaren als Vader.

EEN PERSOONLIJKE OPENBARING

Een bepaalde gebeurtenis in mijn leven, begin 1996, bracht een revolutie teweeg in mijn begrip van God als Vader. Op een ochtend zaten Ruth en ik in bed te bidden zoals we gewend zijn. Plotseling voelde ik een sterke kracht in mijn voeten en onderbenen.

Vervolgens trok het naar boven, totdat mijn hele lichaam er heftig van schudde. (Ruth vertelde mij later dat mijn gezicht dieprood werd.)

Op hetzelfde moment voelde ik een arm die zich uitstrekte naar mijn hoofd. Deze arm probeerde een soort zwarte kap op mijn hoofd te drukken. Enkele ogenblikken lang vond er een worsteling plaats tussen deze twee krachten. Toen won de kracht die aan het werk was in mijn lichaam; de arm met de zwarte hoofdkap werd met kracht verdreven - en verdween.

Onmiddellijk hierna, zonder enig denkproces, kreeg ik een nieuw, diep besef dat ik God mijn Vader mag noemen. Ik had de frase 'onze Vader' al meer dan vijftig jaar gebruikt. Theologisch had ik deze waarheid keurig op een rijtje. Ik had zelfs een serie van drie preken gehouden over "God kennen als Vader". Maar wat ik op dat moment ontving, was een directe, persoonlijke openbaring.

Ik wil graag mijn persoonlijke interpretatie van deze gebeurtenis met u delen. Ik ben geboren in India en heb daar de eerste vijf jaren van mijn leven doorgebracht. Twintig jaar later, nadat ik gered was en gedoopt in de Heilige Geest, werd ik mij bewust van een donkere schaduw uit India, die altijd over mij been hing. Ik begreep dat het een van India's vele "goden" was (schattingen over het totale aantal lopen uiteen van 4 miljoen tot 300 miljoen) die mij gevolgd was door mijn leven heen, om te zoeken naar een gelegenheid mij in bezit te krijgen.

Deze "god" onderdrukte mij op een specifieke manier. Elke ochtend stond ik op met het duistere voorgevoel dat mij iets ergs zou overkomen. Het was nooit een concrete gedachte, maar altijd een ongedefinieerd, donker voorgevoel. Dit onbekende kwaad vond nooit werkelijk plaats, maar elke dag was het voorgevoel er wel weer.

Nadat ik gedoopt was in de Geest, werd het voorgevoel minder intensief, maar het verdween nooit helemaal. Ik ontdekte echter wel dat als ik de Heer begon te prijzen en te aanbidden, het voorgevoel van me afviel. Toch kwam het iedere ochtend terug!

Op de dag dat de zwarte kap was verwijderd, verdween ook dit negatieve voorgevoel - en het is nooit meer teruggekeerd! En vanaf die ochtend werd het voor mij ook volkomen natuurlijk om God aan te spreken met 'Vader' of 'mijn Vader'. Ik heb nu een persoonlijke relatie, niet alleen maar een theologische positie!

Ik geniet nu al twee jaar van deze nieuwe relatie en het heeft me een nieuw begrip gegeven van vier bijbelse waarheden over vaderschap.

  1. Vaderschap is de bron van onze persoonlijke identiteit

In de bijbel wordt iemand altijd geïdentificeerd als 'de zoon van' - of 'de dochter van'... een bepaalde man. Dit principe vind je ook vandaag nog terug in vele familienamen, zoals Janssen (wat komt van Janszoon), Pietersen en Klaassen. In alle gevallen wordt iemands naam en identiteit afgeleid van een vader.

De afbraak van het gezin in vele landen vandaag, heeft de zogenaamde 'generatie X' voortgebracht. 'X' staat in de wiskunde voor de 'onbekende hoeveelheid'. Veel jonge mensen in deze generatie van gebroken gezinnen, hebben geen betekenisvolle relatie met een vader. Het gevolg daarvan is een identiteitscrisis, ze weten niet echt wie ze zijn. In stilte schreeuwt hun hart om een vader.

Ik geloof dat als de christelijke kerk van vandaag op een effectieve manier de realiteit van God als Vader kan communiceren, massa's jonge mensen zullen rennen in de armen van hun Vader. We kunnen dit precies doen zoals Jezus de Vader 'toonde' aan Zijn discipelen; door in ons dagelijks leven de realiteit van onze eigen, persoonlijke relatie met Vader te laten zien.

  1. Vaderschap verzekert ons ervan dat we een thuis hebben in de hemel.

Vanaf het moment dat ik gered was, heb ik geloofd dat als ik trouw blijf aan de Heer, ik naar de hemel zal gaan na mijn overlijden. Maar ik heb nooit nagedacht over de hemel als mijn thuis. Nadat die arm met de zwarte kap was weggehaald, zag ik de hemel volkomen vanzelfsprekend als mijn thuis. Kort daarna zei ik tegen Ruth: ,,Wanneer ik overlijd en je geeft mij een grafsteen, laat er dan op graveren: „Thuis!"

Ik moest denken aan de arme bedelaar die buiten bij de deur van de rijke man lag. Toen hij stierf, werd hij door de engelen in de schoot van Abraham gedragen (Lukas 16:22). Waarschijnlijk zou een engel genoeg geweest zijn om dat uitgemergelde lichaam te dragen, maar God stuurde een escorte van engelen! De zwerver kreeg een koninklijk welkom in Abrahams schoot. Ik geloof dat het zo zal gaan voor elk kind van God. Hij heeft een escorte van engelen klaar staan om ons te dragen en te begeleiden naar ons eeuwige thuis.

Ooit leerden Ruth en ik een lieve zuster op Hawaï kennen (we noemen haar even Marianne), die de Heer vele jaren trouw had gediend. Ze zei vaak tegen haar vrienden: ,,lk heb nog nooit een engel gezien. Wat zou ik er graag een zien!" Toen Marianne op haar sterfbed lag (ze stierf aan kanker), zag haar gemeente erop toe dat er altijd een zuster uit de gemeente bij haar bed was. Op een dag begon het gezicht van Marianne te stralen door de glorie van God. Ze strekte haar armen uit en zei: "Ik zie ze - Ik zie de engelen!" Het volgende moment was ze bij de Heer! Haar escorte van engelen

had haar naar huis gebracht.

John Wesley kreeg op een dag te horen dat een zuster die hij had gekend, gestorven was. Hij antwoordde: ,,Ging ze in glorie of alleen in vrede?" Ik geloof dat elk kind van God in glorie naar huis mag gaan – met een escorte van engelen.

  1. Vaderschap voorziet in totale veiligheid en zekerheid.

Stel je een klein kind voor, veilig op de arm van zijn vader, met zijn wang tegen pappa’s schouder gedrukt. Al zou er op dat moment enorme verwarring en tumult overal om hem heen losbarsten, al zou de wereld ineenstorten, dit kleine kind voelt is volledig op zijn gemak, onbezorgd over alles wat zich om hem heen afspeelt. Hij is veilig in de armen van zijn vader.

Ook wij worden veilig vastgehouden door onze Vader. Jezus heeft ons ervan verzekerd dat onze Vader groter is dan alles om ons heen en dat niemand ons uit Zijn hand kan roven (zie Johannes 10:29).

Jezus verzekerde ook zijn discipelen hiervan: Wees niet bevreesd, kleine kudde, want het heeft uw Vader behaagd u het Koninkrijk te geven (Lukas 12:32). We mogen misschien zijn als een kleine kudde, omgeven door allerlei wilde dieren. Maar als onze Vader besloten heeft ons het koninkrijk te geven, dan is er geen kracht in het universum sterk genoeg om dat te verhinderen.

  1. Vaderschap geeft een doel om voor te leven en motivatie om dienstbaar te zijn.

In Filippenzen 2:3 waarschuwt Paulus ons als dienaren van de Heer: Doe niets uit eigenbelang of eigendunk. Door de jaren heen heb ik gezien dat persoonlijke ambitie en competitie een hardnekkig probleem is dat steeds opnieuw de kop opsteekt in de christelijke gemeente. Ik haast me hieraan toe te voegen dat ik dit allereerst en vooral in mijn eigen leven en bediening heb opgemerkt.

We maken vaak de denkfout dat veiligheid en zekerheid hetzelfde zijn als 'succes'. Als ik nu maar de grootste kerk bouw, de grootste conferentie organiseer, of het grootste adressenbestand opbouw, dan heb ik zekerheid en ben ik veilig. Maar dat is een leugen. De waarheid is dat hoe meer we ons richten op persoonlijk succes, hoe onzekerder we worden. We worden voortdurend bedreigd door de mogelijkheid dat iemand anders een grotere kerk zal bouwen, een grotere samenkomst zal houden of een groter adressenbestand zal hebben. Zelf heb ik een volmaakt voorbeeld gevonden in Jezus. Hij zegt:

De Vader heeft Mij niet alleen gelaten, omdat Ik altijd doe wat Hem welgevallig is. (Johannes 8:29)

Mijn motivatie is niet langer persoonlijke ambitie. Ik heb een mooier, zuiverder motief ontdekt: simpelweg mijn Vader behagen, Hem blij maken.

Ik train mijzelf om bij elke situatie of elke beslissing de eenvoudige vraag te stellen: Hoe kan ik mijn Vader behagen? Hoe doe ik Hem plezier? Als ik mij gefrustreerd voel of als dingen niet lijken te lukken, dan richt ik mijn blik af van het probleem (en het met alle geweld willen oplossen ervan) en ik probeer een houding te handhaven die mijn Vader blij maakt. Tussen dienstknechten en volgelingen van Christus is er geen competitie, als we ons laten motiveren door het verlangen onze Vader plezier te doen. Harmonie en wederzijdse betrokkenheid nemen de plaats in van competitie en egoïsme.

Terwijl u deze brief leest, heeft u misschien bij uzelf gemerkt dat u ook verlangt naar een intiemere relatie met God als uw Vader. Maar misschien is er een demonische barrière - zoals in mijn geval de zwarte hoofdkap, tussen u en de Vader ingekomen.

Herinner u dat Jezus de enige is die de Vader aan u kan openbaren. Vraag Hem de barrières die er in uw leven zouden kunnen zijn, te verwijderen. Vraag Hem om een directe, persoonlijke openbaring van Zijn Vaderschap. Vertrouw vervolgens rustig op Hem en wacht op Hem om u de openbaring te geven die u nodig heeft, op Zijn manier en op Zijn tijd.