Karakter deel 4: Karakter dat de proef doorstaat

In deze onderwijsbrief wil ik de aandacht richten op één specifiek woord: volharding. Dit woord wordt vandaag de dag steeds minder populair en is evenmin gemakkelijk te begrijpen. Toch geloof ik dat het in deze tijd steeds belangrijker wordt goed te begrijpen wat volharden inhoudt.

In de meeste Bijbelvertalingen komen we drie woorden tegen die nauw met elkaar verbonden zijn, omdat ze vertaald zijn vanuit hetzelfde basiswoord. Die drie woorden zijn geduld, lankmoedigheid en volharding. Geduld of lankmoedigheid betekent dat je goed kunt omgaan met irritante of lastige mensen, vervelende situaties of omstandigheden, zonder kwaad te worden; je kunt je beheersen in plaats van uit je slof te schieten. Het is een zeer waardevolle belangrijke christelijke eigenschap. Ik ben me er terdege van bewust dat ik zelf wel wat meer van deze deugd kan gebruiken. Maar waar in veel Bijbelvertalingen vaak het woord geduld wordt gebruikt, zou eigenlijk in het moderne taalgebruik volharding of uithoudingsvermogen moeten worden gebezigd. Er is een subtiel maar belangrijk verschil tussen geduld en volharding en iets daarvan wil ik duidelijk maken in deze brief.

Ter inleiding kijken we naar citaten uit twee Bijbelgedeelte: Mattheüs 24 en Markus 13. Deze beide hoofdstukken beschrijven de profetische vooruitblik die Jezus op de Olijfberg uitsprak, over de situatie in de wereld vlak voor zijn wederkomst. Veel van waar Hij over sprak, zien we op dit moment heel duidelijk gebeuren in de wereld. Het doel van deze studie is echter niet deze profetische interpretaties te onderzoeken, maar onze aandacht te richten op een karaktereigenschap die we volgens Jezus heel hard nodig zullen hebben om door deze tijd heen te komen.

En omdat de wetsverachting toeneemt, zal de liefde van de meesten verkillen. Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. (Mattheüs 24:12-13)

Let op het directe verband tussen wetsverachting en liefdeloosheid. Als mensen wetteloos worden, worden ze liefdeloos. Liefde wordt vaak beschouwd als iets wat voornamelijk vrij en spontaan is, zonder regels of discipline. Dat beeld klopt niet. Liefde en discipline horen bij elkaar. Als discipline en regels verdwijnen, dan verkilt de liefde. Het oorspronkelijke woord voor 'liefde' in vers 12 is 'agapè', want ‘agapè’ is immers goddelijke liefde. Jezus doelt dus niet op het feit dat de liefde in de wereld verkilt, maar op de christelijke liefde die verkilt. Temidden van dit vreselijk gure klimaat - toenemende wetsverachting en liefde die kouder wordt - zegt Jezus: Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. In Markus 13 herhaalt Jezus deze waarschuwing:

En een broeder zal zijn broeder overleveren ten dode en een vader zijn kind; en kinderen zullen opstaan tegen hun ouders en hen ter dood brengen. En gij zult door allen gehaat worden om mijns naams wil. Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. (Markus 13:12-13)

Hier zien we een zeer somber beeld van grote trouweloosheid en bedrog, zelfs in familierelaties, en van christenen die door iedereen gehaat worden. En weer klinkt dezelfde waarschuwing: volhard! We moeten volhouden. Soms vraagt God ons alleen maar om vol te houden - en dat kan een fulltime klus zijn.

Ooit ontmoette ik een Zweedse zendeling die jarenlang in Frankrijk had gewerkt. Hij vertelde me dat hij een gevangenis in Zuid-Frankrijk had bezocht, vlakbij Marseille, waar de Hugenoten (de Protestanten van die tijd) gevangen hadden gezeten vanwege hun geloof. Velen verdwenen naar de kerkers en kwamen er nooit meer levend uit. De zendeling vertelde me over een gevangene die slechts één woord had gekerft in de stenen muur van zijn kerker: résister - het Franse woord voor weerstand bieden. Dat was de boodschap die deze gevangene achterliet voor degenen die nog zouden volgen.

Bied weerstand. Geef niet op. Hou vol. Volhard! Ik geloof dat God dat op dit moment ook tegen òns zegt. Ik bid dat God u - door Zijn woord - een ijzeren wil en een geestelijke ruggengraat geeft - mocht u die nog niet hebben.

De vrucht van verdrukking

We zullen nu kijken naar een aantal heel eenvoudige principes die volharding tot stand brengen.

Wij dan, gerechtvaardigd uit het geloof, hebben vrede met God door onze Here Jezus Christus, door wie wij ook de toegang hebben verkregen [in het geloof] tot deze genade, waarin wij staan, en roemen in de hoop op de heerlijkheid Gods. (Romeinen 5:1-2)

We 'roemen' (in het Engels staat hier 'rejoice' = zich verheugen!) over de hoop die de toekomst voor ons heeft. Maar Paulus zegt dat we ons niet alleen verheugen over onze toekomst, maar dat we ons ook mogen verheugen in het heden, hoewel het daarin om heel andere dingen gaat:

En niet alleen (hierin), maar wij roemen ook in de verdrukkingen, daar wij weten dat de verdrukking volharding uitwerkt, en de volharding beproefdheid, en de beproefdheid hoop. (Romeinen 5:3-4)

In vers 3 staat opnieuw het woord 'roemen', en het Griekse woord dat hier gebruikt wordt, betekent: zich verheugen, opscheppen of juichen. Maar waarom zouden we ons moeten verheugen over beproevingen? Vanwege de uitwerking van die beproeving!

De New American Standard Bible zegt dat verdrukking volharding uitwerkt, en de volharding een beproefd (bewezen) karakter en een beproefd karakter, hoop. Volharding brengt dus een beproefd karakter in ons voort. Dat is de essentie van volharding: - een karakter dat de proef doorstaat. Kijk eens naar vers 5: En de hoop maakt niet beschaamd, omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door de Heilige Geest, die ons gegeven is.

We zien hier dat liefde verweven is met karakter. In feite hebben we te maken met de vorming van ons karakter. We ‘roemen in’ (verheugen ons of juichen over) verdrukking, omdat alleen verdrukking volharding uitwerkt. En volharding zorgt voor een beproefd karakter. Ik ken mannen met wie ik ben opgetrokken, met wie ik moeilijkheden, tegenslag, verwarring en misverstanden heb doorgemaakt – soms zelfs misverstanden tussen hen en mij. Maar nu is hun karakter voor mij bewezen (beproefd). Ik weet dat ik hen kan vertrouwen. In een tijd van bedrog en wetsverachting is het voor mij belangrijk te weten wie ik kan vertrouwen. En belangrijker nog, in de eerste plaats wil ik zeker weten dat ik zèlf te vertrouwen ben! Terdege ben ik mij bewust hoe de dagelijkse druk van het leven ons verleidt om eerst aan onszelf te denken, ten koste van anderen. Maar ik zou mij ontzettend schamen als ik door die drukte niet trouw of loyaal zou zijn ten opzichte van de mensen in het Lichaam van Christus aan wie ik verbonden ben en mij heb toegewijd. Laten we kijken naar het eerste hoofdstuk van Kolossenzen:

Daarom houden wij ook sedert de dag, dat wij dit gehoord hebben, niet op voor u te bidden en te vragen, dat gij met de rechte kennis van zijn wil vervuld moogt worden, in alle wijsheid en geestelijk inzicht, om de Here waardig te wandelen, Hem in alles te behagen, in alle goed werk vrucht te dragen en op te wassen in de rechte kennis van God. Zo wordt gij met alle kracht bekrachtigd naar de macht zijner heerlijkheid tot alle volharding en geduld, en dankt gij met blijdschap... (Kolossenzen 1:9-12)

Is het niet geweldig om te weten dat God wil dat u vervuld wordt met de kennis van zijn wil, in alle wijsheid en geestelijk inzicht? Als Paulus zegt: Dat gij de Here waardig moge wandelen, bedenk dan dat het kennen van Gods wil onze manier van leven zal beïnvloeden. Het zal zelfs invloed hebben op hoe we omgaan met tegenslagen.

Het is één ding om vol te houden, het is nog iets anders om vol te houden met blijdschap! Er is uithoudingsvermogen en kracht voor nodig. Geduld en uithoudingsvermogen zijn kenmerken van kracht, geen kenmerken van zwakheid. Een steeds terugkerend thema in de Hebreeënbrief is de verleiding om terug te komen op je belijdenis van geloof in Christus. Er zijn vijf verschillende passages in Hebreeën, die ons waarschuwen voor het gevaar van terugval. Het zijn enkele van de meest ernstige woorden in de bijbel. Zodoende benadrukt Hebreeën steeds weer één belangrijk woord, het onderwerp van deze studie: volharding.

Maar het is onze begeerte, dat ieder uwer dezelfde ijver blijve betonen tot de verwezenlijking der hoop tot het einde toe, opdat gij niet traag wordt, maar navolgers moogt zijn van hen, die door geloof en geduld de beloften beërven. (Hebreeën 6:11-12)

Geloof en volharding. Er zijn mensen die u zullen vertellen dat er alleen geloof nodig is om aanspraak te maken op Gods beloften. Maar dat is onjuist. Je hebt geloof èn volharding nodig. Allebei.

Geeft dan uw vrijmoedigheid niet prijs, die een ruime vergelding heeft te wachten. Want gij hebt volharding nodig, om de wil van God doende, te verkrijgen hetgeen beloofd is. (Hebreeën 10:35-36)

Het woord 'vrijmoedigheid' betekent dat je vrij mag spreken. Je mag vrijmoedig spreken over Jezus - over wat Hij voor je gedaan heeft en wat Hij nog voor je gaat doen. Je hebt Gods wil gedaan, maar je hebt de belofte nog niet ontvangen. Wat heb je nodig? Volharding. Je moet volhouden vanaf het moment dat je Gods wil doet en aanspraak maakt op zijn belofte, tot het moment dat je de belofte daadwerkelijk ontvangt. Sommige mensen doen Gods wil, maken aanspraak op zijn belofte, maar volharden niet. Dan zeggen ze dat het niet werkte. Maar het werkt ook niet zonder volharding. Je hebt geloof èn volharding nodig.Het is een marathon:

Daarom dan, laten ook wij, nu wij zulk een grote wolk van getuigen rondom ons hebben, afleggen alle last en de zonde, die ons zo licht in de weg staat, en met volharding de wedloop lopen, die vóór ons ligt. (Hebreeën 12:1)

Hier stelt Paulus het leven voor als de Olympische Spelen, een wedloop die gelopen moet worden. Bij de eindstreep staat een grote menigte toeschouwers te wachten om te zien wie er gaat winnen. Deze menigte bestaat uit alle grote heiligen uit het oude testament, die hun wedloop volbracht hebben. Ze staan te wachten, klaar om ons toe te juichen vanaf de hemelse tribunes. Als Paulus zegt: ,, Leg alle last af’’, dan moeten we deze wedloop in gedachte houden. De hardloper maakt zijn zakken leeg en draagt de lichtste, meest flexibele kleding die er te vinden is. Ieder onnodig grammetje gewicht legt hij af. Denk erom dat er, behalve zonde, ook nog andere dingen zijn die als een ‘last’ op ons kunnen liggen en ons belemmeren in onze loop. Bijvoorbeeld dingen die uitputten – die je meedraagt als ballast - of die onnodig veel van je tijd en aandacht opeisen. Leg ze af, zegt Paulus.

En denk eraan, het is geen sprint. Het is een lange, gebalanceerde wedloop. De benodigde eigenschap is volharding. Veel christenen leven alsof ze te maken hebben met een korte race; al snel staan ze naast de baan te hijgen. Vanwege de ballast zijn ze al gestopt voordat ze echt aan de wedloop begonnen waren.

Niet de snelsten winnen de wedloop, noch de sterksten de strijd. (Prediker 9:11)

Snelheid en kracht zijn niet belangrijk, volharding wel.

Houdt het voor enkel vreugde, mijn broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt, want gij weet, dat de beproefdheid van uw geloof volharding uitwerkt, maar die volharding moet volkomen doorwerken, zodat gij volkomen en onberispelijk zijt en in niets te kort schiet. (Jakobus 1:2-4)

Houd jij het voor vreugde, als je in allerlei verzoekingen terechtkomt? Dat zou wel moeten. En ik ook. Eigenlijk moet ik God prijzen dat Hij mij genoeg vertrouwt, om me te beproeven. Vergeet nooit dat we baat hebben bij beproevingen. Jakobus zegt dat als we volhouden – als we de proef doorstaan – dat dan beslist ieder gebied van ons karakter en van onze persoonlijkheid wordt gevormd. Geef niet te snel op. De beproeving verandert u in een complete, allround geteste christen. Er zullen uiteindelijk geen gebieden meer over zijn in uw karakter, waar God niet mee heeft afgerekend.

Een van belangrijkste testen die ons karakter echt onthullen, is de test van hechte, toegewijde vriendschap - bijvoorbeeld een kleine groep mensen die je iedere week ontmoet en met wie je je leven deelt. Na een tijdje wordt het, lastig genoeg, al snel duidelijk dat er gebieden zijn in je leven, waar nog nooit echt aan is gewerkt. Deze gebieden kun je verbergen als je maar niet te dicht bij anderen komt en niet te intiem bent. Maar als je iedere week nauw betrokken bent bij een groep mensen die zich aan elkaar hebben toegewijd, dan moet je òf niet meer gaan, òf je leven openstellen voor correctie.

Mijn vriend Bob Mumford zei eens: ,,Stel je voor dat er tien gebieden in ons karakter zijn die verandering nodig hebben. Waarschijnlijk kun je zes ervan zelf afhandelen. Maar voor de overige vier heb je anderen nodig om ze aan te wijzen.’’ Ik denk dat dat een aardig gemiddelde is. Als ik mezelf niet aan anderen laat zien, dan kan ik mezelf voor de gek houden, ten aanzien van bepaalde gebieden in mijn karakter. Maar toegewijde vriendschap geeft me de kans niet om mezelf voor de gek te houden. Iemand zei eens: ,,Vriendschap is: het dak er af, de muren omlaag.’’ Het dak eraf vinden we niet zo erg, want God kijkt toch al naar binnen. Maar hoe vinden we het om de muren te laten zakken en onszelf werkelijk aan anderen te laten zien? Er is geen grotere test voor ons karakter als christen, dan intieme vriendschap.

Denkt u na over de inhoud van de Bijbelteksten in deze brief en vraag God om u te helpen een volhardend karakter te ontwikkelen.

Het vervolg op deze studie is: 'Ziende de onzienlijke'.