Leven in de laatste dagen

De Bijbel leert dat de ‘laatste dagen’ een zware beproeving zullen zijn voor de mensen die in die tijd leven. Wat moet onze houding zijn om deze tijd zonder angst onder ogen te kunnen zien?

In 2 Timoteüs 3:1 schrijft Paulus aan Timoteüs: Weet wel dat er in de laatste dagen zware tijden zullen komen. Want de mensen zullen zelfzuchtig zijn, geldgierig, pochers, vermetel, kwaadsprekers, aan hun ouders ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig, liefdeloos, trouweloos, lasteraars, onmatig, onhandelbaar, afkerig van het goede, verraderlijk, roekeloos, opgeblazen, met meer liefde voor genot dan voor God, die met een schijn van godsvrucht de kracht daarvan verloochend hebben.

Paulus wil dat Timoteüs goed beseft dat er zware tijden zullen aanbreken. ,,Weet wel…!’’ benadrukt hij zijn uitspraak, alsof het niet duidelijk genoeg gezegd kan worden. Er is één ding waar je zeker van kunt zijn, namelijk dat er in de laatste dagen zware tijden komen.

Het woord voor ‘zwaar’ komt in het Griekse nieuwe Testament nog maar op één andere plek voor, namelijk bij de beschrijving van twee bezeten mannen aan de oostkust van het meer van Galilea (Matth. 8:28). Daar wordt het vertaald met ‘gevaarlijk’. Paulus zegt dus dat er in de laatste dagen ‘gevaarlijke tijden’ zullen komen. Hij noemt daarvan ook de reden: de afbrokkeling van het menselijk karakter, de ethiek en moraal. In de verzen die volgen, somt Paulus de morele kenmerken op die typerend zijn voor mensen die in de laatste dagen leven. Het voornaamste kenmerk draait om de liefde van deze mensen: ze houden van zichzelf, ze houden van geld en ze houden meer van plezier dan van God.

In een paar verzen noemt de Bijbel hier met grote precisie het basisprobleem van de mensheid: zelfliefde. Het is deze zelfzuchtige houding waardoor huwelijken stuklopen, gezinnen uit elkaar vallen, kerken leeglopen en de samenleving en elke gestructureerde orde in de samenleving afbrokkelt. Waarom? Omdat de mensen denken: ,,Dit is wat ik wil en het maakt me niet uit wat jij wilt. Jij mag dingen gerust op jouw eigen manier doen, maar ik ga dié kant uit. Ik weet wat ik wil en ik zal ervoor zorgen dat ik het krijg!’’

Geboorteweeën

In Mattheüs 24:7-13 waarschuwt de Heer Jezus ons voor alles wat in de laatste dagen zal gebeuren. Hij spreekt daar over de geboorteweeën die Gods koninkrijk op aarde inleiden.

Eén van de kenmerken van Gods koninkrijk is dat je geen ‘lid’ kunt worden, maar dat je er in geboren moet worden! Jezus zei daarover: Tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het koninkrijk Gods niet zien of binnengaan (Joh. 3:3, 5). Dat geldt echter niet alleen voor individuen, maar ook voor de wereld in z’n geheel. De wereld kan alleen Gods koninkrijk binnengaan via een geboorte en in Mattheüs 19:28 spreekt Jezus in dit verband over ‘de wedergeboorte’.

De komst van Gods koninkrijk wordt voorafgegaan door weeën, die Jezus opsomt in Mattheüs 24:

  1. Volk zal opstaan tegen volk.

In het Grieks staat hier het woord ‘ethnos’ – Jezus doelt hiermee op etnische conflicten.

  1. Koninkrijk zal opstaan tegen koninkrijk – dit zijn politieke oorlogen.
  2. Hongersnoden, ziekte en aardbevingen.
  3. Christenen zullen worden vervolgd en gehaat door alle volken.

Let goed op: veel christenen zullen ten val komen, oftewel hun geloof loslaten, en zij zullen elkaar overleveren en elkaar haten.

  1. Vele valse profeten zullen opstaan.
  2. Toenemende wetsverachting.

We zien om ons heen vormen van geweld en criminaliteit die 25 jaar geleden niet bestonden.

  1. De liefde van veel christenen zal verkillen.

De Griekse grondtekst gebruikt hier het woord ‘agapè’, dat wordt gebruikt voor de speciale, goddelijke liefde van christenen.

  1. Tot slot benadrukt Jezus de noodzaak van volharding: En wie volhardt tot het einde, zal behouden worden. Het Grieks is specifieker en zegt: Wie heeft volhard tot het einde, zal behouden worden. U bent nu al behouden, maar om dat te blijven moet u volharden tot het eind.

Sleutels voor een gevaarlijke tijd

Dit is bepaald geen prettig vooruitzicht. Hoe kunnen we deze ‘gevaarlijke tijden’ zonder angst tegemoet zien? In de eerste hoofdstukken van Openbaring vinden we een aantal essentiële sleutels.

Ik kwam in vervoering des geestes op de dag des Heren, en ik hoorde achter mij een luide stem, als van een bazuin, zeggende: Hetgeen gij ziet, schrijf dat in een boek en zend het aan de zeven gemeenten: naar Efeze, en naar Smyrna, en naar Pergamum, en naar Tyatira, en naar Sardes, en naar Filadelfia en naar Laodicea. En ik keerde mij om, ten einde de stem te zien, die met mij sprak. En toen ik mij omkeerde, zag ik zeven gouden kandelaren en te midden van de kandelaren iemand als eens mensen zoon, bekleed met een tot de voeten reikend gewaad, en aan de borsten omgord met een gouden gordel; en zijn hoofd en zijn haren waren wit als witte wol, als sneeuw, en zijn ogen als een vuurvlam; en zijn voeten waren gelijk koperbrons, als in een oven gloeiend gemaakt, en zijn stem was als een geluid van vele wateren. En Hij had zeven sterren in zijn rechterhand en uit zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard; en zijn aanzien was gelijk de zon schijnt in haar kracht. En toen ik Hem zag, viel ik als dood voor zijn voeten.

(Openbaring 1:10-17)

Sleutel 1: Richt je aandacht op Jezus

Van alle apostelen had Johannes waarschijnlijk de intiemste relatie met Jezus. Hij was degene die tijdens het Laatste avondmaal aan zijn borst lag en vroeg: ,,Wie is het die U zal verraden?’’ Na de opstanding hield hij met de Heer een ontbijt aan de oever van het meer. Ondanks deze hechte vriendschap ontvangt Johannes hier een totaal nieuwe openbaring van wie Jezus is. Die openbaring is zelfs zo overweldigend, dat Johannes als dood voor Zijn voeten valt. Johannes komt namelijk tot besef dat Jezus Rechter is; de Rechter van àlle mensen – de levenden en de doden, maar ook van de Gemeente. Het is belangrijk te beseffen dat ieder van ons op een dag deze Rechter zal ontmoeten. In 2 Kor. 5:10-11 staat: Want wij moeten allen voor de rechterstoel van Christus openbaar worden, opdat een ieder wegdrage wat hij in zijn lichaam verricht heeft, naardat hij gedaan heeft, hetzij goed, hetzij kwaad.  Daar wij dan weten, hoezeer de Here te vrezen is, trachten wij de mensen te overtuigen; voor God echter is ons bedoelen openbaar en, naar ik hoop, is het ook in uw geweten openbaar.

Er zijn maar twee categorieën daden, die gemakkelijk van elkaar te onderscheiden zijn. Datgene wat niet goed is, is kwaad! Voor God is niets neutraal. Maar hoe velen van ons hebben ontdekt hoezeer de Here te vrezen is?

In vers 17 gaat Johannes verder met zijn beschrijving:

Hij legde zijn rechterhand op mij en zeide: Wees niet bevreesd, Ik ben de eerste en de laatste en de levende. En Ik ben dood geweest en zie Ik ben levend tot in alle eeuwigheden en Ik heb de sleutels van de dood en het dodenrijk.

Jezus wordt niet alleen beschreven als rechter, maar ook als overwinnaar over elke vorm van kwaad. Zonde, dood, satan, het dodenrijk – Jezus heeft volkomen overwonnen. Hij identificeerde zich echter met ons, om onze plaats in te nemen en ons te brengen in Zijn overwinning.

Het eerste waar Johannes’ aandacht zich op richt zijn zeven kandelaars. Deze zijn een beeld van zeven gemeenten, en Jezus staat in het midden daarvan. Het is van het grootste belang te beseffen dat Gods eerste zorg gericht is op de Gemeente. God richt zich niet op landen, op politieke of militaire leiders, maar op Zijn Kerk. Wij zijn nummer 1 op Gods prioriteitenlijst. Als we dat niet goed beseffen, kunnen we gemakkelijk bang of geïntimideerd worden door de dagen waarin we leven. Jezus stond temidden van de kandelaren om iedere gemeente afzonderlijk te onderzoeken.

Sleutel 2: Ik ken uw werken…

In Openbaring 2 en 3 lezen we Jezus’ boodschap aan de zeven gemeenten. Iedere boodschap werd gericht aan een gemeente en iemand die niet bij een gemeente hoorde, kreeg de boodschap dus ook niet te horen. God verwacht dat iedere christen een toegewijd lid is van een gemeente. Als de boodschap van Openbaring vandaag gegeven zou worden en u hoorde niet bij een gemeente, dan zou u de boodschap niet ontvangen. Hoewel het een boodschap aan de gemeente is, geldt ze tegelijkertijd ook persoonlijk voor iedere individuele gelovige in die betreffende gemeente. Het is niet genoeg om in de kerk aanwezig te zijn. Het gaat erom persoonlijk de stem van de Heer te verstaan.

Vijf keer zegt Jezus tegen de gemeente: ,,Ik ken uw werk’’ (in de King James vertaling zelfs zeven keer). Dat is opvallend. Hij zegt niet: Ik ken uw kerkelijke achtergrond of uw geloofsbelijdenis, maar: Ik weet wat je doet. Dat is wat telt! Bovendien geeft Hij vijf van de zeven gemeenten als eerste opdracht: ,,Bekeert u!’’ Ik heb niet de indruk dat het percentage gemeenten dat in onze tijd bekering nodig heeft lager ligt dan in de tijd van Johannes. Bekering is de sleutel voor al het andere. Zonder bekering kunt u nooit echt geloof vinden. Toen Johannes de Doper optrad om de weg voor Jezus te bereiden was zijn boodschap: ,,Bekeert u.’’ Het eerste openbare optreden van Jezus was een oproep tot bekering: ,,Bekeer u en geloof het evangelie.’’ Toen op de eerste Pinksterdag de onbekeerde menigte aan Petrus vroeg: ,,Wat moeten we doen?’’, antwoordde hij: ,,Bekeer u en laat u dopen.’’ Dopen zonder bekering is tijdsverspilling. Ik heb jarenlang christenen met problemen gecounseld en ben tot de conclusie gekomen dat er grenzen zijn aan pastorale zorg. Soms moeten er eerst demonen worden uitgeworpen voordat er tijd wordt besteed aan pastoraat, maar minstens vijftig procent van de problemen van christenen hangt samen met het feit dat ze zich niet volledig en totaal hebben bekeerd.

Sleutel 3: Volharding tot het eind

De boodschap van Jezus aan de gemeenten bevat allerlei elementen: aanbevelingen, lof voor wat goed gaat, correctie voor wat fout gaat, waarschuwingen voor het oordeel dat wacht. De beloften worden echter maar aan één soort personen gegeven: aan degene die volhardt. Er staan in het nieuwe testament geen beloften voor mensen die niet volharden, overwinnen. Aan het eind van Openbaring 21:7 zegt God: Hij die overwint zal alle dingen beërven en Ik zal zijn God zijn en hij zal Mijn zoon zijn. In Rom. 12:21 zegt Paulus: Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. Er zijn maar twee mogelijkheden: overwinnen of overwonnen worden. Het enige dat sterk genoeg is om het kwade te overwinnen, is het goede.

Na deze dingen zag ik, en zie, er was een deur geopend in de hemel; en de eerste stem, die ik gehoord had, alsof een bazuin met mij sprak, zeide: Klim hierheen op en ik zal u tonen, wat na dezen geschieden moet. Terstond kwam ik in vervoering des geestes en zie, er stond een troon in de hemel en iemand was op die troon gezeten.

(Openbaring 4: 1-2)

In dit hoofdstuk van elf verzen komt het woord ‘troon’ veertien keer voor. Alles in het heelal is volkomen onder controle van Degene die op de troon zit. Het hoofdstuk openbaart vier karakteristieken van God.

  1. Ten eerste: Hij is heilig. Dat is de belangrijkste openbaring van God in de Bijbel: Heilig, heilig, heilig is de Heer der heerscharen. Ik ben bang dat er weinig begrip of bezorgdheid is van Gods heiligheid in de tegenwoordige westerse kerk en onder christenen.
  2. De tweede openbaring is: Hij is almachtig.
  3. De derde: Hij is eeuwig. Hij was, is en zal komen.
  4. En de vierde: Hij is de schepper. Hij heeft alle dingen geschapen.

Neem tijd om na te denken over deze vier openbaringen van het wezen van God: heilig, almachtig, eeuwig, schepper. Als u eenmaal duidelijk zicht heeft op wie God is, krijgen uw problemen op aarde een heel ander perspectief. Zonder dat inzicht bent u niet opgewassen tegen de problemen, gevaren en moeilijkheden die u in de laatste dagen zult ontmoeten.

In hoofdstuk 5 wordt een boekrol overhandigd, met daarin Gods plan voor de eindtijd. In de tijd van Johannes bestonden er geen gedrukte boeken, maar schreef men op lange stroken opgerold papier. Deze boekrol met Gods plan voor de eindtijd is verzegeld met zeven zegels. Een sterke engel roept met luide stem: Wie is waardig de boekrol te openen en haar zegels te verbreken? Hoe tragisch is het, dat niémand daartoe waardig werd bevonden. Niémand… niet in de hemel, noch op de aarde, noch onder de aarde. Johannes is ontzet en huilt. Er is niemand die Gods plan kan ontvouwen!

Eén van de oudsten zegt daarop tegen Johannes: Ween niet, zie, de Leeuw uit de stam Juda, de wortel Davids, heeft overwonnen.

Het woord ‘jood’ is afgeleid van de naam Juda. Wat zal de hemel een beschamende plaats zijn voor antisemieten! Toen Jezus op aarde leefde was Hij een Jood, maar ook hier in Zijn heerlijkheid is Jezus de Leeuw van Juda. En denk eens aan het nieuwe Jeruzalem: alle twaalf fundamenten en twaalf poorten hebben een Joodse naam. Sterker nog: de Naam boven alle naam is Yeshua. Dus hoe kun je je ooit thuis voelen in het nieuwe Jeruzalem als je anti-Joods bent?

Johannes hoort hier dat de Leeuw uit de stam van Juda heeft overwonnen. Hij kijkt om zich heen en verwacht waarschijnlijk een sterke, machtige, strijdlustige leeuw te zien. Maar wat ziet hij? Een Lam, dat er bovendien uit ziet als of het geslacht is. De kracht van God is niet in lichamelijke, menselijke kracht, maar in een gebroken geest, in een nederig lichaam. In 1 Korinthiers 1:25 staat: Het dwaze van God is wijzer dan de mensen en het zwakke van God is sterker dan de mensen. Dingen die dwaas en zwak lijken voor het menselijk verstand zijn de dingen waarin God Zijn wijsheid en Zijn kracht steekt. Wat is zwakker dan een gekruisigd mens? Wat is dwazer dan toestaan dat je zoon wordt gekruisigd ten overstaan van een joelende menigte? Voor zover het de wereld aanging, was het laatste wat ze van Jezus zagen een lichaam aan het kruis. God deed niets om die indruk te corrigeren. De zwakheid van God is sterker dan mensen, de dwaasheid van God is wijzer dan mensen. In Filippenzen 2 lezen we waarom God Jezus uitermate verhoogd heeft. Niet omdat het Zijn lievelingszoon was, maar omdat Hij aan de volwaarden voldeed: Jezus had zich vernederd tot in de dood aan het kruis. Als u verhoogd wil worden, verneder u zelf dan. Tegenwoordig zie ik in de kerk veel persoonlijke ambitie, maar daarin schuilt een groot gevaar. Ambitie was de drijfveer van Lucifer. Hij wilde gelijk zijn aan God en verhoogde zichzelf – maar werd neergeworpen. Ieder mens die zichzelf wil verhogen, staat hetzelfde lot te wachten als satan.

Sleutel 4: Aanbidding

Wanneer het Lam de boekrol neemt, werpen de vier dieren en de vierentwintig oudsten zich voor Hem neer. Ze hebben gouden schalen vol reukwerk bij zich, de gebeden der heiligen. Uw gebeden bereiken de hemel! En de dieren en de oudsten zingen een nieuw gezang: Gij zijt waardig de boekrol te nemen en haar zegels te openen; want gij zijt geslacht en gij hebt (hen) voor God gekocht met uw bloed, uit elke stam en taal en volk en natie; en gij hebt hen voor onze God gemaakt tot een koninkrijk en tot priesters, en zij zullen als koningen heersen op de aarde.

De aanbidding begint in het centrum, bij degenen die direct om de troon heen staan, maar het spreidt zich uit: En ik zag, en ik hoorde een stem van vele engelen rondom de troon en van de dieren en de oudsten, en hun getal was tienduizenden tienduizendtallen en duizend duizendtallen – dat zijn honderd miljoen engelen! Kunt u zich voorstellen hoe het moet zijn om uit te zien over miljoenen engelen? En zij zeiden met luider stem: Het Lam, dat geslacht is, is waardig te ontvangen de macht en de rijkdom en de wijsheid en de sterkte en de eer en de heerlijkheid en de lof. De aanbidding breidt zich echter nog verder uit:  En alle schepsel in de hemel en op de aarde en onder de aarde en op de zee en alles wat daarin is, hoorde ik zeggen: Hem, die op de troon gezeten is en het Lam zij de lof en de eer en de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden.

Sleutel 5: Evangelisatie

In Openbaring 6 lezen we over vier ruiters. Elk van deze ruiters wordt geroepen vanuit de hemel. Ze zijn niet het gevolg van dingen die op aarde gebeuren. Het initiatief komt van God. Het is belangrijk dit goed te beseffen, anders krijgt u een verkeerd perspectief van wat er gebeurt op aarde. Vers 2:

En ik zag, en zie, een wit paard, en die erop zat, had een boog en hem werd een kroon gegeven en hij trok uit, overwinnende en om te overwinnen. In de loop der jaren is me duidelijk geworden dat deze ruiter een beeld is van Jezus Christus, die erop uit trekt om het evangelie aan de wereld te brengen. Hij trekt er op uit om te overwinnen,  is onverslaanbaar, geen macht op aarde kan Hem verslaan.

In vers 3 lezen we over het tweede paard en ook nu komt het initiatief vanuit de hemel. En een tweede, een rossig paard kwam, en hem, die erop zat, werd gegeven de vrede van de aarde weg te nemen en dat zij elkander zouden slachten, en hem werd een groot zwaard gegeven. Er breekt dus een tijd aan van etnische conflicten: de ene groep zal de andere aanvallen en afslachten. Dit zien we wereldwijd gebeuren in Zuid-Afrika, Joegoslavië, de voormalige Sovjetunie, Israël… en ik voorspel dat er geen volk ter aarde zal zijn dat hier uiteindelijk van gespaard blijft.

Vers 5-6: En toen Hij het derde zegel opende, hoorde ik het derde dier zeggen: Kom! En ik zag, en zie, een zwart paard, en die erop zat had een weegschaal in zijn hand. En ik hoorde als een stem te midden van de vier dieren zeggen: Een maat tarwe voor een schelling en drie maten gerst voor een schelling; en breng geen schade toe aan de olie en de wijn.

Dit derde paard is een beeld van tekort en rantsoenering. Een Denarius was in die tijd een volledig dagloon van een arbeider. Een arbeider zal precies genoeg geld hebben om zichzelf te voeden. Maar wat betekent dan de beperking ‘breng geen schade toe aan de olie en de wijn’? Deze luxeartikelen zijn gereserveerd voor de rijken. Te midden van het tekort baden de rijken in luxe, en ook dit zien we dagelijks voor ons. De armen worden armer en de rijken worden rijker.

Het vierde paard wordt geroepen: En toen Hij het vierde zegel opende, hoorde ik de stem van het vierde dier zeggen: Kom! En ik zag en zie, een vaal paard, en die daarop zat, zijn naam was de dood, en het dodenrijk volgde achter hem. En hun werd macht gegeven over het vierde deel der aarde om te doden, met het zwaard, met de honger, met de zwarte dood en door de wilde dieren der aarde.

Een vierde deel van de wereld zal worden getroffen door hongersnood en dood. Het paard met de dood eist de lichamen van  mensen op, het dodenrijk hun ziel. Maar nogmaals: ook de autoriteit voor deze vreselijke gebeurtenissen ligt bij God en Zijn Zoon.

Nadenkend over deze vier paarden, groeit bij mij de overtuiging dat het witte paard moet voor blijven op de andere drie paarden. We moeten er namens de Heer op uit trekken met de boodschap van genade, voordat deze vreselijke oordelen komen! U kunt in de kerk zitten in comfortabele stoelen, maar de echte voldoening vinden alleen de mensen die betrokken zijn bij zending. Herinner wat Jezus zei tegen de gemeenten: ,,Ik ken uw werken. Ik weet wat je doet.’’ Het is geweldig de Heer te aanbidden in de gemeente, maar dat is alleen een begin. Wat doet u als u de gemeente uitgaat, wat is het doel van uw leven? Is het Jezus te dienen en beschikbaar te zijn voor Hem, tegen elke prijs en op elk moment? Niet de meest begaafde mensen boeken resultaat, maar de meest toegewijde mensen. God vraagt maar één gave: beschikbaarheid.

Na al deze gebeurtenissen, dat wil zeggen na de volledige vernietiging van de hele aarde, zegt Johannes: Daarna zag ik vier engelen staan aan de vier hoeken der aarde, die de vier winden der aarde vasthielden, opdat er geen wind zou waaien over de aarde, of over de zee, of over enige boom. En ik zag een andere engel opkomen van de opgang der zon, hebbende het zegel van de levende God, en hij riep met luider stem tot de vier engelen, aan wie gegeven was aan de aarde en de zee schade toe te brengen, en hij zeide: Breng geen schade tot aan de aarde, noch aan de zee, noch aan de bomen, voordat wij de knechten van onze God aan hun voorhoofd verzegeld hebben.

Voordat het laatste oordeel komt, heeft God nog iets te doen. Hij wil een groep van zijn dienaren markeren op het voorhoofd – en die groep bestaat uit Joden. En ik hoorde het getal van hen, die verzegeld waren: honderd vierenveertigduizend waren verzegeld uit alle stammen der kinderen Israels.

Vervolgens ziet Johannes een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle volk en stammen en natiën en talen stond voor de troon en voor het Lam, bekleed met witte gewaden en met palmtakken in hun handen. En zij riepen met luider stem en zeiden: De zaligheid is van onze God, die op de troon gezeten is, en van het Lam! En een van de oudsten antwoordde en zeide tot mij: Wie zijn dezen, die bekleed zijn met de witte gewaden en vanwaar zijn zij gekomen? En ik sprak tot hem: Mijn heer, gij weet het. En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die komen uit de grote verdrukking en zij hebben hun gewaden gewassen en die wit gemaakt in het bloed des Lams. Hier zien we de twee verenigd: de oogst uit alle volken, samen met 144.000 Joden.

In Openbaring 14 komen we tot het slot: En ik zag en zie, het Lam stond op de berg Sion en met Hem honderd vierenveertigduizend, op wier voorhoofden Zijn naam en de naam Zijns Vaders geschreven stonden – dat is het merkteken uit hoofdstuk 7. Maar als u Openbaring leest, ziet u dat ook de antichrist een zegel plaatst op het voorhoofd van zijn volgelingen. Aan het eind van de tijd zal ieder mens òf het ene òf het andere merkteken op zijn voorhoofd hebben, het zegel van de antichrist of van God.

En ik hoorde een stem uit de hemel als de stem van vele wateren en als de stem van zware donder. En de stem, die ik hoorde, was als van citerspelers, spelende p hun citers; en zij zongen een nieuw gezang voor de troon en voor de vier dieren en de oudsten; en niemand kon het gezang leren dan de honderd vierenveertigduizend, de losgekochten van de aarde. Dezen zijn het, die zich niet met vrouwen hebben bevlekt, want zij zijn maagdelijk. Dezen zijn het, die het Lam volgen, waar Hij ook gaat.

Wat een getuigenis: zij volgen het Lam, waar Hij ook gaat. Ze zijn uit alle mensen gekocht als eerstelingen voor God en het Lam. Volgens mij zijn dit jonge, Joodse mannen, die zich nooit hebben ingelaten met seksuele immoraliteit en in hun mond is geen leugen gevonden, ze zijn onberispelijk. Temidden van al het lijden en alle immoraliteit levert God zijn bijdrage. We kunnen onze blik richten op het positieve dat God geeft, of op het negatieve dat satan in deze wereld brengt. Laten we onze aandacht vestigen op Jezus de Overwinnaar, die de dood heeft overwonnen, want als we dat zicht verliezen dan zult u bang worden en ontmoedigd door wat voor u ligt. We mogen vanuit Gods troonzaal kijken naar de gebeurtenissen op aarde en de zekerheid hebben van Gods volkomen controle.

Kijk naar Jezus, temidden van de zeven kandelaren, en in het midden van de Troon van God. Hij, die temidden van de kandelaren staat, is ook in het midden van de troon van God. Hij kan ons beschermen, voor ons zorgen, ons redden. Als Hij uitrijdt op Zijn witte paard wordt hij Getrouw en Waarheid genoemd. Hij is volkomen betrouwbaar!

Ik wil eindigen met de woorden die Petrus sprak op de Pinksterdag: En met nog meer andere woorden getuigde hij, en hij vermaande hen, zeggende: Laat u behouden uit dit verkeerde geslacht. (Hand. 2:40). We leven in een ongeloofwaardige, leugenachtige, immorele generatie. U moet worden gered en gereinigd uit deze wereld. Keer uw rug toe naar deze besmette wereld, nu u nog de kans heeft om dat te doen. Laat u behouden, zodat u recht voor God kunt staan. Laat u niet grijpen door satan, maar laat u behouden uit deze perverse samenleving!

 

uit:  Leven in de laatste dagen

Leven-in-de-laatste-dagen-Derek-Prince-978-9075185006

 

meer lezen: ‘Heiligheid is geen optie’, en ‘De eindtijd, wat gaat er gebeuren’.

Voorkant Heiligheid is geen optiekopieHeiligheid is geen optie prtsc                          De eindtijd, wat gaat er gebeuren? - Derek Prince 9789075185652

DPM NEDERLAND

Nijverheidsweg 12
7005 BJ Doetinchem
KvK#: 41121393

CONTACT

E-mail: info@derekprince.nl
Telefoon: +31 (0) 251 255 044
(elke werkdag van 9.00 uur tot 13.00 uur)

ONDERWIJS- EN NIEUWSBRIEVEN

Ontvang onze gratis onderwijs- en nieuwsbrieven
- per post
- per email