Doneer

Wie is de Heilige Geest? Deel 2

Leestijd: 9 min.

Vorig jaar bestudeerden we in aanloop naar Pinksteren de Heilige Geest. In deze onderwijsbrief kijken we opnieuw naar de derde persoon van de Godheid. De Heilige Geest heeft drie heel belangrijke eigenschappen. Hij is eeuwig, Hij is alwetend en Hij is alomtegenwoordig.

Eeuwig

Aan het eind van één van de eerste pinksterdiensten die ik bijwoonde, vroeg de voorganger me: ‘Geloof je dat je een zondaar bent?’ Ik was in die tijd net afgestudeerd als filosoof en had aan de Universiteit van Cambridge een verhandeling geschreven over definities. Onmiddellijk bedacht ik me welke definities ik allemaal kende van het woord ‘zondaar’ en volgens mij was iedere definitie die ik kende, zonder uitzondering, op mij van toepassing! Dus volmondig antwoordde ik: ‘Ja, ik geloof dat ik een zondaar ben!’

Daarna vroeg de voorganger mij: ‘Geloof je dat Christus voor je zonden gestorven is?’ Ik dacht even over deze vraag na en antwoordde: ‘Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet begrijp wat de dood van Jezus Christus, negentien eeuwen geleden, te maken heeft met de zonden die ik in mijn leven begaan heb.’

De voorganger ging wijselijk niet met me in discussie, maar ik weet zeker dat hij voor me is gaan bidden. Slechts een paar dagen later had ik namelijk een ingrijpende ontmoeting met de Here Jezus Christus, die mijn hele levensloop radicaal veranderde. De Bijbel werd van het ene op het andere moment een levend, betekenisvol boek voor mij. Enige tijd later las ik in Hebreeën 9:14 dat:

...Christus Zichzelf door de eeuwige Geest als een smetteloos offer aan God gebracht heeft.

Plotseling besefte ik het belang van het woord ‘eeuwig’. Het betekent veel meer dan ‘het duurt heel lang’. Het duidt op iets wat het begrip ‘tijd’ overstijgt. Iets wat grenzeloos is. ‘Eeuwig’ strekt zich uit over verleden, heden en toekomst.

Toen Jezus zichzelf offerde aan het kruis, bleef de betekenis van Zijn offer niet beperkt tot de tijd dat Hij op aarde was. De verzoening door Zijn offer omvat de zonden van iedereen, van welke tijd dan ook – verleden, heden en toekomst. Hij stierf daarmee dus ook voor de zonden die ik negentien eeuwen later zou begaan.

Het Griekse bijvoeglijk naamwoord ‘eeuwig’ heeft een heel diepe betekenis. Het komt van het zelfstandig naamwoord aion. Een ‘aion’ is een begrip om tijd aan te duiden en het komt in verschillende uitdrukkingen voor, onder meer in de volgende vertalingen:

  • Hebreeën 7:24: in eeuwigheid (in het Engels: for the age, dat wil zeggen: voor de duur van dit tijdperk.)
  • Judas 1:25 (NBG): vóór alle eeuwigheid, én nu én in alle eeuwig-heden.
  • Galaten 1:5: in alle eeuwigheid.

De Engelse en Nederlandse vertalingen van het woord ‘eeuwig’ kunnen niet de diepgang uitdrukken die in de oorspronkelijke Griekse versie naar voren komt. Deze en soortgelijke uitdrukkingen boezemen me altijd groot ontzag in. Ik voel me dan als een druppeltje boven een bodemloze afgrond. Mijn verstand kan onmogelijk bevatten dat er een eeuwigheid zou zijn die bestaat uit verschillende eeuwigheden, en al helemaal niet dat die eeuwigheden op hun beurt weer een eeuwigheid vormen. Toch strekt de Heilige Geest zich over deze perioden uit, van het onmetelijke verleden naar de onmetelijke toekomst. Ik begin opnieuw te begrijpen dat God in de hemel voortdurend aanbeden wordt als de Almachtige, Die was (eeuwig), Die is, en Die komt! (Openbaring 4:8)

Alwetend

Behalve eeuwig is de Heilige Geest ook alwetend. In Johannes 3:20 vertelt de apostel ons een eenvoudige maar diepgaande waarheid: God weet alles. Er is niets wat God niet weet. Van het allerkleinste insect dat op de aarde bestaat tot de verste ster in het heelal, er is niets wat God niet volledig doorgrondt. God weet dingen over ons die we zelf niet weten. Een sprekend voorbeeld is het feit dat Hij van elk van ons weet hoeveel haren wij op ons hoofd hebben (Mattheüs 10:30).

De Heilige Geest strekt zich uit over alle eeuwigheden, van het onmetelijke verleden naar de onmetelijke toekomst

God wist hoeveel mensen er in Ninevé woonden (Jona 4:11). Hij wist van – en beheerste – de groei van de wonderboom die Jona schaduw bood. Ook wist Hij van – en bestuurde Hij – de worm die de wonderboom deed verdorren (Jona 4:6-7).

In 1 Korinthiërs 2:9-10 spreekt Paulus over de dingen die .

..geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen...

En hij gaat verder, want:

Aan ons echter heeft God het geopenbaard door Zijn Geest. De Geest immers onderzoekt alle dingen, zelfs de diepten van God.

De Heilige Geest peilt de diepste diepten en beklimt de hoogste hoogten van alles wat is geweest, alles wat is en alles wat nog moet komen. Zijn kennis is oneindig. In het licht van deze oneindige kennis moeten we voorbereid zijn dat we rekenschap zullen moeten afleggen aan God:

En er is geen schepsel onzichtbaar voor Hem, maar alles ligt naakt en ontbloot voor de ogen van Hem aan Wie wij rekenschap hebben af te leggen. (Hebreeën 4:13)

De bovennatuurlijke kennis en wijsheid van de Heilige Geest werd al zichtbaar aan het begin van Jezus’ bediening op aarde, maar kwam het duidelijkst naar voren in de manier waarop Jezus met Judas Iskariot omging. Toen de discipelen tegen Jezus zeiden: En wij hebben geloofd en erkend dat U de Christus bent, de Zoon van de levende God (Johannes 6:69), gaf Jezus hen een antwoord waaruit bleek dat Hij, de Messias, verraden zou worden door één van Zijn eigen volgelingen:

...Heb Ik niet u twaalven uitgekozen? En één van u is een duivel.

Hij bedoelde Judas, de zoon van Simon Iskariot;

want die zou Hem verraden, één uit de twaalven (Johannes 6:70-71).

Jezus wist door de Heilige Geest dat Judas Hem zou verraden, zelfs voordat Judas het zelf wist. Judas kon het plan niet eens uitvoeren voordat Jezus de woorden had gesproken die het startsein vormden voor zijn daad. Tijdens het Laatste Avondmaal waarschuwde Jezus Zijn discipelen: Eén van u zal Mij verraden.

Toen ze vroegen wie het was, antwoordde Jezus:

Die is het aan wie Ik het stuk brood zal geven, nadat Ik het ingedoopt heb. En toen Hij het stuk brood ingedoopt had, gaf Hij het aan Judas Iskariot, de zoon van Simon. En met het nemen van het stuk brood voer de satan in hem. Jezus dan zei tegen hem: Wat u wilt doen, doe het snel. ... Toen hij (Judas) dan het stuk brood genomen had, ging hij meteen naar buiten. (Johannes 13:26-27 en 30)

Ik ben vol ontzag voor God als ik me realiseer dat Judas zijn plan niet kon uitvoeren, totdat Jezus zélf de woorden sprak die Judas de gelegenheid gaven Hem te gaan verraden. In deze hele situatie was de Verradene, niet de verrader, degene die de controle had.

Als we de kennis van God in al Zijn volheid begrijpen – vooral Zijn voorkennis – dan weten we zeker dat God nooit voor verrassingen staat, wat er ook gebeurt. In het Koninkrijk van God zijn geen onvoorziene gebeurtenissen. Niet alleen weet God het einde al vanaf het begin,

Hij zelf ís zowel het begin als het einde (Openbaringen 21:6).

En Hij heeft altijd de volledige controle. God weet wie Hij gekozen heeft om voor eeuwig met Hem te zijn.

Want hen die Hij van tevoren gekend heeft, heeft Hij er ook van tevoren toe bestemd om aan het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig te zijn, opdat Hij de Eerstgeborene zou zijn onder vele broeders. (Romeinen 8:29)

Als we door Gods genade uiteindelijk op die prachtige, eeuwige bestemming arriveren, dan zal Jezus niemand begroeten met: ‘Ik had nooit verwacht jou hier te zien!’ Nee, Hij zal zeggen: ‘Mijn kind, Ik heb op je gewacht. Het bruiloftsfeest kon nog niet beginnen zonder jou.’ Ik geloof dat iedere plaats aan dat heerlijke feestmaal de naam draagt van degene voor wie het is klaargemaakt.

God wacht met wonderbaarlijk veel geduld tot het aantal verlosten compleet is, daar Hij niet wil, dat sommigen verloren gaan, doch dat allen tot bekering komen. (2 Petrus 3:9, NBG)

Alomtegenwoordig

Als we zeggen dat God alomtegenwoordig is, dan bedoelen we daarmee dat God overal tegelijkertijd is. God zelf bevestigt dit in Jeremia 23:23-24:

Ben Ik een God van nabij, spreekt de HEERE, en niet een God van verre? Zou iemand zich op verborgen plaatsen kunnen verbergen, en zou Ík hem niet zien? Spreekt de HEERE. Vervul Ik niet de hemel en de aarde? Spreekt de HEERE.

Hoe kan dat? We weten uit de Bijbel dat God regeert op Zijn troon in de hemel, met Jezus aan Zijn rechterhand. Hoe kan Hij dan hemel en aarde vullen met Zijn tegenwoordigheid? In Psalm 139:7-12 geeft David het antwoord. Eerst vraagt hij:

Waar kan ik Uw Geest ontgaan, waar Uw aangezicht ontvluchten?

Hier zien we dat God overal tegelijkertijd aanwezig is door Zijn Geest. Dan brengt David dit feit dichterbij met een gedetailleerder beschrijving:

Nam ik vleugels van de dageraad,
woonde ik aan het einde van de zee,
ook daar zou Uw hand mij leiden
en Uw rechterhand mij vasthouden.
Zei ik: Ja, duisternis zal mij opslokken! –
dan is de nacht een licht om mij heen.
Zelfs de duisternis maakt het voor U niet duister,
maar de nacht licht op als de dag,
de duisternis is als het licht.

Waar wij ook gaan, God is er door Zijn Geest

Waar wij ook gaan, God is er, door Zijn Geest – onzichtbaar, ook anderszins vaak niet waarneembaar, maar we kunnen niet aan Hem ontsnappen. Voor een ongelovige is dat waarschijnlijk een vreselijke gedachte, maar voor een gelovige is dit een troostrijke, veilige zekerheid. Waar we ook terechtgekomen zijn, ook daar zou Uw hand mij geleiden, Uw rechterhand mij vastgrijpen. In het Nieuwe Testament is het Jezus zelf die ons deze zekerheid geeft:

Ik zal u beslist niet loslaten en Ik zal u beslist niet verlaten. (Hebreeën 13:5)

Soms zijn we ons op geen enkele manier bewust van Zijn tegenwoordigheid, maar Hij is er, door Zijn Heilige Geest. Het lijkt misschien of we in het donker wandelen, maar zelfs de duisternis verbergt niet voor U... (NBG).

Iedere christen moet een innerlijke gevoeligheid voor de Heilige Geest ontwikkelen, onafhankelijk van wat we om ons heen kunnen waarnemen. Als onze zintuigen ons geen bewijs leveren van Zijn aanwezigheid, of als ze Zijn aanwezigheid zelfs lijken te ontkennen, dan moet er in de diepte van onze geest nog een bewustheid zijn van de voortdurende tegenwoordigheid van de Heilige Geest. Zo kunnen we ook veel beter begrijpen waarom Hij de Trooster en de Helper wordt genoemd in Johannes 14:26.

Een passende afsluiting van deze brief is de Vader en de Zoon te danken voor de Heilige Geest, die eeuwige, alwetende en alomtegenwoordige Trooster en Helper.

Wil je de onderwijsbrieven per e-mail ontvangen? Meld je dan hier aan.

Derek Prince boeken

Deze onderwijsbrief is gebaseerd op onderwijs uit het boekje Wie is de Heilige Geest? van Derek Prince. Hij beschrijft de Heilige Geest als de minst begrepen Persoon in de Bijbel. Dat is ook niet zo vreemd, gezien de vele tegengestelde beeldspraken die de Bijbel voor Hem gebruikt. Zo is Hij onder meer water en vuur; dienstknecht en leraar; Persoon en kracht... In Wie is de Heilige Geest? gaat Derek Prince in op een aantal van deze tegenstellingen, waardoor je deze derde Persoon van de Drie-eenheid beter zal leren kennen en begrijpen. Bestel de vernieuwde uitgave van dit boekje in onze webshop.

Wie is de Heilige Geest?

Als Derek Prince Ministries geloven wij in de kracht van het proclameren van Gods Woord. In lijn met Dereks onderwijs over de Heilige Geest, hebben wij een gelijknamige proclamatiekaart uitgegeven. Lees de proclamatie en bestel de kaart hier.

Wil je meer leren over het belang van proclameren? Bestel dan het boek De kracht van proclamatie van Derek Prince in onze webshop.

Download studie als pdf

Bestel deze onderwijsbrief gratis!

Het maximale aantal is 20. Neem contact met ons op als je meer onderwijsbrieven wilt bestellen.
Vul hier je e-mailadres in zodat we contact met je kunnen opnemen indien nodig.