Belijden met de mond

Leestijd: 3 min.

De afgelopen periode hebben we geleerd hoe we geloof kunnen verkrijgen. Als geloof eenmaal gekomen is, zijn er vervolgens drie ontwikkelingsfasen waar het doorheen moet: belijden, praktisch maken en beproeven. Deze drie fasen zijn noodzakelijk. De komende dagen gaan we in op de eerste fase: Geloof moet met de mond beleden worden. De woorden 'belijden' en 'belijdenis' zijn belangrijke Bijbelse termen met een speciale betekenis. Het Griekse werkwoord homologeo, dat gewoonlijk met 'belijden' wordt vertaald, betekent letterlijk 'hetzelfde zeggen als'. In deze speciale betekenis heeft 'belijden' altijd rechtstreeks betrekking op Gods Woord. Belijden is: met onze mond hetzelfde zeggen als wat God zegt in Zijn Woord. We zorgen dat de woorden van onze mond overeenstemmen met het geschreven Woord van God. In Psalm 116:10 zegt de psalmist: Ik heb geloofd, daarom spreek ik. In 2 Korinthiërs 4:13 past Paulus deze uitspraak toe op het belijden van ons geloof: Maar omdat wij dezelfde Geest van het geloof hebben, overeenkomstig wat geschreven staat: Ik heb geloofd, daarom heb ik gesproken; geloven ook wij, en daarom spre­ken wij ook. Spreken is de natuurlijke manier waarop geloof zich uit. Geloof dat niet spreekt, is dood­geboren. De hele Bijbel benadrukt dat er verband is tussen onze mond en ons hart. Wat met de mond gebeurt, kan nooit gescheiden worden van wat in het hart is, en andersom. In Mattheüs 12:34 zegt Jezus: Want uit de overvloed van het hart spreekt de mond. De mond is dus de uitlaatklep van het hart. Wat uit de uitlaatklep komt, laat zien wat er in het hart is. Als het water dat uit de uitlaatklep van een vat komt, korreltjes gruis of vuil bevat, dan kunnen we vervolgens niet beweren dat het water in het vat schoon is. Er zit gruis of vuil in. Zo is het ook met wat zich in ons hart bevindt. Als ons hart vol geloof is, dan komt dat tot uitdrukking in wat we spreken. Maar als er woorden van twijfel of ongeloof uit onze mond komen, dan wijzen die ontegenzeggelijk op twijfel of ongeloof in ons hart. Als medisch assistent bij de Britse strijdkrachten in Noord-­Afrika tijdens de Tweede Wereldoorlog, werkte ik enige tijd nauw samen met een Schotse arts die een klein veldhospitaal leidde waar alleen gevallen van dysenterie werden behandeld. Iedere morgen als we onze ronde deden, richtte de dokter zich altijd tot iedere patiënt afzonderlijk met dezelfde twee openingszinnen: ,,Hoe gaat het met u? Laat me uw tong eens zien!’’ Terwijl ik zo iedere dag meedeed aan dit medische ritueel, viel het me op dat de dokter veel meer belangstelling had voor de toestand van de tong van de patiënt, dan voor het antwoord op de vraag: ,,Hoe gaat het met u?’’. Sindsdien heb ik vaak geconstateerd dat meestal hetzelfde geldt voor onze relatie met God. We kunnen Hem onze eigen inschatting geven van onze geestelijke situatie, maar uiteindelijk beoordeelt God, net zoals de dokter, onze tong. Als ons geloof gaat toenemen doordat we ervoor gekozen hebben om Gods Woord te horen, dan zullen ook de woorden van onze mond in overeen­stemming komen met het geschreven Woord van God.


Gebed van de dag

Vader, ik wil leren om ‘hetzelfde te zeggen als U’, om mijn geloof te belijden. Wilt U mij leren om dat niet alleen te doen als ik Uw Woord lees, maar om door de dag heen te gaan spreken zoals U. Wilt U mij vrijmoedigheid geven om Uw woorden, die ik in mijn hart heb ontvangen ook uit te spreken. Amen.





Gebed voor DPM wereldwijd

SLOWAKIJE

  • Deze zomer hebben we honderden onderwijsbrieven en boeken verspreid onder verschillende Roma (zigeuner) kerken. Bid dat Gods Woord en Dereks onderwijs hun levens zullen veranderen, nieuwe kerkleiders toerusten, en hele Roma nederzettingen in oostelijk Slowakije beïnvloeden.
  • Bid dat de nieuwe opwekking die we zien binnen de Roma bevolking door zal gaan en sterker worden, en dat Gods glorie door middel van hen geopenbaard zal worden.