Shop Doneer

Het messiaanse rijk: Een glimp

Leestijd: 1 min.

O God, geef de koning Uw recht en Uw gerechtigheid aan de zoon van de koning. Dan zal hij over Uw volk rechtspreken met gerechtigheid en over Uw ellendigen met recht. De bergen zullen voor het volk vrede dragen en de heuvels, met gerechtigheid. (Psalm 72:1-3)

Nadat we gisteren hebben gezien dat er met de komst van Jezus een einde komt aan het lijden in de wereld is het goed om vanuit Psalm 72 te ontdekken wat het Messiaanse Koninkrijk is. Deze psalm is een gebed voor de zoon van de koning. Sommigen geloven dat het over David en zijn zoon Salomo gaat. Samen met veel andere bijbelleraars geloof ik echter dat Psalm 72 eigenlijk een gebed is voor de grotere Zoon van David, Jezus de Messias. De psalm heeft direct betrekking op de vestiging van Zijn Koninkrijk op aarde.

De eerste 14 verzen geven ons een levendige beschrijving van de manier waarop Zijn Koninkrijk eruit zal zien. In dit Koninkrijk zullen onderdrukking, onrecht, armoede, ziekte en oorlog zijn uitgebannen. Ook ligt er in deze psalm speciale nadruk op Gods zorg voor mensen die lijden, de bedroefden en de verdrukten. Ik denk dat de meesten van ons nauwelijks beseffen hoe intens God onderdrukking en onrecht haat.

Er kan op geen enkele andere manier vrede komen dan alleen door gerechtigheid. Zoals ik al eerder zei, er wordt veel gepraat over bidden om vrede… Maar ik ben van mening dat die gebeden eigenlijk onrealistisch zijn. Waarom? Omdat iedereen wel vrede wil, maar hoe velen willen gerechtigheid? Bijbels gezien kan er nooit echte vrede komen zonder gerechtigheid.

Gebed van de dag

Dank U wel, Vader, dat in Uw Koninkrijk onderdrukking, onrecht, armoede, ziekte en oorlog zullen zijn uitgebannen. Dank U ook dat U een God bent die betrokken is op het leed van hen die lijden en worden verdrukt. We hebben geleerd dat er alleen echte vrede kan komen wanneer er eerst gerechtigheid komt. Daarom bidden we dat Uw Koninkrijk zal komen. Want Uw koninkrijk bestaat uit gerechtigheid, vrede en blijdschap (Rom. 14:17).