Het oordeel der verdrukking van Israël

Bij het nagaan van dit speciale oordeel over Israël, is het nuttig om eerst twee algemene principes op te merken in Gods handelen met het menselijk ras: in zegen en in oordeel. Deze kunnen in het kort als volgt worden vastgesteld:

  1. Een principe van zegen. God zegent de heidenen doorgaans via de Joden, maar Hij zegent de Joden rechtstreeks.
  2. Een principe van bestraffing. God straft de Joden doorgaans via de heidenen, maar Hij straft de heidenen rechtstreeks.

Deze twee principes zullen Gods handelen met het menselijk ras bepalen aan het einde van dit huidige tijdperk. Eerst zal God, in de laatste stadia van de grote verdrukking, Israël voor de laatste keer als natie oordelen en straffen, , door middel van de heidenen. Daarna, als dit eindoordeel over Israël compleet is, zal God Zelf rechtstreeks een oordeel vellen over de heidenen. Dit laatste oordeel over Israël, nadat zij als natie zijn teruggekeerd naar hun eigen land, wordt beschreven in Jeremia 30:3-9:

Want zie, er komen dagen, spreekt de HEERE, dat Ik een omkeer zal brengen in de gevangenschap van Mijn volk, Israël en Juda, zegt de HEERE, en Ik hen zal terugbrengen naar het land dat Ik hun vaderen gegeven heb, en zij zullen het in bezit nemen. Dit zijn de woorden die de HEERE gesproken heeft tot Israël en tot Juda. Want zo zegt de HEERE: Een schrikwekkende stem hebben wij gehoord, angst is er, geen vrede. Vraag toch en zie of een man baren kan? Waarom heb Ik dan iedere man gezien met zijn handen op zijn heupen als een barende vrouw, en waarom zijn alle gezichten lijkbleek weggetrokken? Wee! Want die dag is groot, er is er geen als hij. Het is een tijd van benauwdheid voor Jakob, toch zal hij daaruit verlost worden. Want op die dag zal het geschieden, spreekt de HEERE van de legermachten, dat Ik zijn juk van uw nek zal breken en uw banden zal verscheuren. Vreemden zullen zich niet meer door hem laten dienen, maar zij zullen de HEERE, hun God, dienen, en hun Koning David, Die Ik hun zal doen opstaan.

Let op de volgorde van gebeurtenissen die hier door Jeremia worden voorzegd:

  1. God zal Israël terugbrengen in hun eigen land.
  2. Er zal voor Israël een tijd komen van nationaal gevaar en rampspoed, verschrikkelijker dan waar zij ooit tevoren doorheen zijn gegaan.
  3. De Heer zal ten slotte Zelf tussenbeide komen tegen de ‘vreemdelingen’ – de heidense vijanden van Israël – en zal Israël uit hun handen redden.
  4. Het nationale koninkrijk van Israël zal opnieuw hersteld worden op de troon van David, onder de opperste heerschappij van de Here Jezus Zelf. Deze periode van het herstelde koninkrijk zal het millennium zijn, het duizendjarig rijk.

Deze eindtijd–verzameling van de heidense naties tegen Israël, en de rechtstreekse tussenkomst van de Heer ten behoeve van Israël, worden nader beschreven in Zacharia 12:3:

Op die dag zal het gebeuren, dat Ik Jeruzalem zal maken tot een steen die moeilijk te tillen is voor al de volken. Allen die hem optillen, zullen zichzelf zeker diepe sneden toebrengen en al de volken van de aarde zullen zich tegen haar verzamelen.

Gebed van de dag

Hemelse Vader, wat een voorrecht is het Heer, om te leven in deze bijzondere tijd, waarin U werkt aan de volvoering van Uw plan met het volk Israël en de wereldgeschiedenis…Dank Heer, voor Uw machtige hand op het lot van Uw kinderen en maakt U dat vanuit ons leven licht uitstraalt dat redding verkondigt… Amen.

Gebed voor DPM wereldwijd

DUITSLAND

We ontwikkelen online cursussen om de mensen op een nieuwe en frisse manier kennis te laten maken met Dereks onderwijs, en speciaal de jongere generatie. Bid voor de staf die betrokken is bij deze nieuwe ontwikkelingen; bid dat de cursussen een blijvende impact zullen hebben.

Weekvers: Mattheüs 25:31 & 33

Wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op de troon van Zijn heerlijkheid. En Hij zal de schapen aan Zijn rechterhand zetten, maar de bokken aan Zijn linkerhand.