In Jezus’ Naam mogen we tot God naderen als Zijn kind

Thema: Leer bidden

De eerste twee aspecten van het bidden in Jezus’ Naam waren dat we mogen naderen tot God op basis van wat Jezus heeft gedaan en op basis van wie Jezus is. Vandaag behandelen we het derde aspect van het bidden in Jezus’ Naam.
Het derde aspect van het bidden in Jezus’ Naam is dit: het erkent de relatie die we door Jezus hebben met God.
Kijk eens wat Paulus schreef: Gezegend zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus, omdat Hij ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem uitverkoren heeft, opdat wij heilig en smetteloos voor Hem zouden zijn in de liefde. Hij heeft ons voorbestemd om als zijn kinderen aangenomen te worden, door Jezus Christus, in zichzelf, overeenkomstig het welbehagen van zijn wil, tot lof van de heerlijkheid van zijn genade, waarmee Hij ons begenadigd heeft in de Geliefde. (Efeze 1:3-6)
Voordat de tijd zelfs maar begon en de schepping plaatsvond, had God een eeuwig doel in zijn hart en gedachten. God kende ons en stelde vast dat Hij ons door Jezus Christus zou opnemen in zijn familie, als zijn kinderen. Dit kreeg allemaal zijn beslag en werd een feitelijke gebeurtenis in de menselijke geschiedenis, toen Jezus kwam en voor ons stierf. De Engelse New King James vertaling vertaalt de laatste woorden van vers zes als: aangenomen in de Geliefde. Dit vind ik zo’n prachtige uitdrukking: aangenomen in de Geliefde. Dat is wat we zijn. We zijn door God aangenomen als zijn kinderen als we tot Hem komen in de Geliefde, Jezus Christus. We zijn niet aangenomen om wat wij zijn, maar om wat Jezus is.
Eén van de grootste psychische en emotionele problemen van onze moderne maatschappij is het probleem van afwijzing. Miljoenen mensen gaan door het leven met het gevoel afgewezen te zijn, ongewild, tweederangs. Soms vanwege een verkeerde houding van ouders, of vanwege een verkeerde houding van een echtgenoot of echtgenote binnen een huwelijk. Er is waarschijnlijk geen grotere wond dan de wond van afwijzing. Maar de eerste stap naar genezing van die wond is het besef dat wanneer we in Jezus tot God komen, we niet worden afgewezen. God wijst zijn kinderen nooit af. We zijn aangenomen in de Geliefde, en dat maakt alle verschil van de wereld in de manier waarop we tot God naderen.
Wanneer we op deze basis eenmaal tot God genaderd zijn door Jezus, dan komen geweldige voorrechten voor ons beschikbaar. Om te beginnen: Hoe zal Hij, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard maar voor ons allen overgegeven heeft, ons ook met Hem niet alle dingen schenken? (Romeinen 8:32). Is dat geen geweldige zin? Met Hem, Jezus, zal God ons alle dingen schenken. Maar let op dat het afhangt van het zijn met Hem. Als we met Jezus zijn, dan hebben we als Gods kinderen recht op alles. Maar zonder Hem kunnen we geen enkel recht doen gelden.
Verder dit nog: Maar mijn God zal u, overeenkomstig zijn rijkdom, voorzien van alles wat u nodig hebt, in heerlijkheid, door Christus Jezus (Filippenzen 4:19). Dit betekent dat geen enkele nood van ons onvoorzien zal blijven. De voorziening in onze noden komt van Gods rijkdom. Ik geloof dat God rijk genoeg is om te voorzien in de noden van al zijn kinderen, maar de voorziening is in Jezus Christus.

Dank U Vader, dat U mij door Jezus hebt aangenomen als Uw kind. Wilt U mij er steeds als ik in Jezus’ Naam bid er bewust van maken dat ik door Hem Uw kind ben geworden. Als ik in Jezus’ Naam bid mag ik weten U mijn woorden hoort als mijn Vader.