Leden van één lichaam

De publieke bevestiging waar we gisteren over lazen, die plaatsvond in het voorbeeld van Barnabas en Saulus, was noodzakelijk. Om dit te begrijpen, moeten we kijken naar de dingen die God eerder had gedaan in het leven van Paulus. We zullen zien dat hij vanaf het moment dat Jezus aan hem verscheen, wist dat hij een apostel zou worden. Paulus zelf schrijft in meerdere van zijn brieven het volgende als opening: Van Paulus, een apostel die niet is aangesteld of gezonden door mensen, maar door Jezus Christus en God, de Vader, die Christus uit de dood heeft opgewekt. (Galaten 1:1) Paulus was niet gezonden door mensen, maar door Jezus Christus en God de Vader. Zijn apostolische roeping kwam dus rechtstreeks van God. Desalniettemin bevestigt God deze roeping door andere mensen. Dit gebeurde in de gemeente van Antiochië, waar de Heilige Geest de broeders opdracht gaf Paulus en Barnabas af te zonderen voor het werk waarvoor zij al eerder persoonlijk waren geroepen. Dit laat zien hoeveel belang God hecht aan bevestiging dat we Zijn stem hebben verstaan. Ik geloof dat deze publieke bevestiging van Paulus' roeping in de gemeente van Antiochië drie doelen had. Ten eerste versterkte het Paulus' eigen geloof. Vele christenen weten dat er tijden zijn dat we de bevestiging van anderen nodig hebben. Soms wandelen we op een verlaten weg en vragen we ons af of we God wel echt hebben gehoord... De dingen die God vroeger gesproken heeft, lijken op sommige momenten zo onwaarschijnlijk, soms zelfs onmogelijk. Totdat God in Zijn genade bevestiging geeft, door middel van onze medegelovigen.Ten tweede betekende deze gebeurtenis in Antiochië dat Paulus met recht kon zeggen dat hij was geroepen, omdat zijn medegelovigen dat konden bevestigen. Het was niet voldoende om zelf te weten dat hij was geroepen; zijn medegelovigen moesten het ook weten, zodat ze hem konden uitzenden en ondersteunen.Ten derde benadrukt deze gebeurtenis dat we in het Lichaam van Christus afhankelijk zijn van elkaar. Hier hecht God heel veel waarde aan. Hij wil niet dat we op ons zelf handelen, onafhankelijk van anderen, maar dat we ons realiseren dat we leden zijn van het Lichaam van Christus en dat we op elkaar moeten bouwen. Niemand van ons kan op zichzelf staan en denken: Het maakt me niet uit wat anderen doen. Ik weet gewoon dat ik gelijk heb. Die houding is vrijwel altijd verkeerd. We zijn leden van één lichaam en we hebben elkaar nodig, want ieder van ons is feilbaar en daarom hebben we elkaars bemoediging en correctie nodig.


Heer, dank U wel dat U mij deel heeft gemaakt van een lichaam en dat hierin voor mij veiligheid en de mogelijkheid van correctie ligt, om te kunnen groeien naar steeds meer volwassenheid in U. Wilt U mij helpen om open te staan voor de correctie van mijn broeders en zusters? Ook dank ik U - speciaal vandaag - voor Uw Heilige Geest die in mijn hart is uitgestort, en die mij en ook mijn geestelijke broers en zussen leidt... Amen.