God wil koinonia


Hoera, je bent gered van Gods oordeel over je zonden! Maar is dat alles? Nee! In deze studie gaat Derek Prince dieper in op de reden van die redding. Hij maakt verschil tussen het middel – jouw redding – en het doel daarvan – gemeenschap met God én met elkaar.

1 Korinthiërs 1:9: God is getrouw, door wie u geroepen bent tot de gemeenschap met zijn Zoon Jezus Christus, onze Heere. (SV: de gemeenschap van zijn Zoon…)

God heeft ons geroepen tot gemeenschap met zijn Zoon Jezus Christus. Het woord ‘gemeenschap’ komt van het Griekse ‘koinonia’, dat is afgeleid van ‘koinon’, wat ‘gemeenschappelijk’ betekent. Koinonia betekent dat je dingen gemeenschappelijk hebt, dat je iets met elkaar deelt. Als de apostel Petrus zegt dat hij nog nooit iets onheiligs heeft gegeten (Handelingen 10:14), dan staat daar het woord ‘koinin’, omdat het woord ‘heilig’ juist slaat op iets wat afgezonderd is, en dus niet algemeen. De schrijvers van het Nieuwe Testament namen bepaalde seculiere woorden uit hun tijd over en gaven er hun eigen, specifieke betekenis aan, om daarmee het geloof (of de betekenis?) van het evangelie te verwoorden. Eén van deze sleutelbegrippen is gemeenschap.

Door de verkondiging van het evangelie worden we uitgenodigd tot gemeenschap met Jezus Christus en om Zijn leven met elkaar te delen . Het woordje ‘tot’ voor ‘gemeenschap’ laat zien dat de gemeenschap het doel is. Redding is veel meer dan alleen gered worden ‘uit’ iets, het betekent ook dat we ‘tot’ iets (dus ergens naartoe) geroepen zijn. Veel van de Israëlieten die uit Egypte werden verlost, zijn nooit Kanaän binnen gegaan, maar stierven in de woestijn. En ik ben bang dat dit ook staat te gebeuren met talloze mensen die ooit het evangelie hebben geloofd. Veel christenen beseffen niet dat er een doel is waar het evangelie hen toe oproept, namelijk de gemeenschap met Christus.

Er is een belangrijk verschil tussen een doel en een middel. Het doel is waar het allemaal om draait, terwijl het middel alleen maar een manier, een middel is om dat doel te bereiken. Als een middel niet het beoogde doel bereikt, dan verliest het middel zijn waarde. Ik vrees echter dat het merendeel van de belijdende christenen zo vertrouwd is geraakt met hun tradities, maniertjes en structuren, dat ze het onderscheid tussen het doel en het middel helemaal zijn kwijtgeraakt. Ze vragen zich zelden af wat het doel is van hun wekelijkse kerkgang. En ze vragen zich al helemaal niet af of ze dat doel ook bereiken! We moeten goed beseffen: gemeenschap is het doel.

Gemeenschap met God zelf

In 1 Johannes 1:1-3 vertelt Johannes waarom hij en de andere schrijvers van het Nieuwe Testament het historische verslag hebben opgeschreven van het leven en de bediening van Jezus.

Wat er was vanaf het begin, wat wij gehoord hebben, wat wij gezien hebben met onze ogen, wat wij aanschouwd hebben en onze handen getast hebben van het Woord des levens, (en het leven is geopenbaard en wij hebben het gezien, en wij getuigen en verkondigen u het eeuwige leven, dat bij de Vader was en aan ons is geopenbaard.) wat wij gezien en gehoord hebben, verkondigen wij u, opdat ook u gemeenschap met ons hebt; en deze gemeenschap van ons is er ook met de Vader en met zijn Zoon Jezus Christus.

Het woordje ‘opdat’ wijst naar het doel: gemeenschap hebben met de apostelen, èn met God de Vader en zijn Zoon Jezus Christus. Het evangelie is een uitnodiging aan de hele mensheid om te delen in de eeuwige gemeenschap van de godheid.

Er zijn drie aspecten die eeuwig zijn in het wezen van de godheid, van God de Vader, Zoon en Heilige Geest als één God. Deze drie eeuwige aspecten zijn:

  1. vaderschap – God is (een) eeuwige Vader
  2. hoofdschap – God is (voor) eeuwig het hoofd van Jezus Christus
  3. gemeenschap - de gemeenschap van de godheid is eeuwig. Al vóór de schepping was er een volmaakte, ongebroken gemeenschap tussen de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.

Het is nauwelijks voor te stellen hoe groot de eer is die ons wordt toebedeeld, te mogen delen in de gemeenschap van de godheid! Jezus bad in Johannes 17 dat alle gelovigen net zo één zouden zijn met de Vader als Hij, in volmaakte harmonie en gemeenschap. Dat is de ultieme vervulling van het doel van het evangelie! In vers 4 schrijft Johannes: En deze dingen schrijven wij u, opdat uw blijdschap volkomen wordt. Volkomen blijdschap wordt ons deel als we binnengaan in die gemeenschap met God en elkaar.

Gemeenschap met medegelovigen

Vervolgens doet Johannes een aantal belangrijke uitspraken over die gemeenschap. En dit is de verkondiging die wij van Hem gehoord hebben en aan u verkondigen, dat God licht is en dat in Hem in het geheel geen duisternis is. (1 Johannes 1:5)

In 2 Korinthe 6 stelt Paulus dat duisternis en licht geen gemeenschap met elkaar kunnen hebben. Dat is simpelweg onmogelijk. Gods eerste scheppingshandeling is dat Hij het licht scheidde van de duisternis. Die scheiding kan niet worden opgeheven. Als we dus gemeenschap willen hebben met God die licht is, wat is dan de logische conclusie? Dat wij zelf in het licht moeten leven.

Als wij zeggen dat wij gemeenschap met Hem hebben en toch in de duisternis wandelen, liegen wij en doen de waarheid niet.

Je kunt geen gemeenschap hebben met God die licht is en tegelijkertijd in het donker leven. In hoofdstuk 2 van zijn brief zegt Johannes dat iedereen die zijn broeder haat, in het donker is. Dus als we een verkeerde houding hebben tegenover onze medegelovigen, zoals kritiek, haat of afkeer, dan sluiten we onszelf buiten de gemeenschap met God, want duisternis kan geen gemeenschap hebben met licht!

Maar als wij in het licht wandelen, zoals Hij in het licht is, hebben wij gemeenschap met elkaar, en het bloed van Jezus Christus, zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde. (vers 7)

Alle werkwoordsvormen in dit zevende vers staan in het Grieks in een voortdurende actieve tijd: ‘als we voortdurend in het licht wandelen, hebben wij voortdurend gemeenschap met elkaar, en het bloed van Jezus reinigt ons voortdurend van alle zonde.’

Let op de belangrijke voorwaarde: dat we leven in onderlinge gemeenschap. Dat is de plaats waar je in het licht wandelt en gereinigd wordt door het bloed. Vaak citeren christenen maar de helft van dit vers: ‘het bloed van Jezus reinigt ons van alle zonde’. Maar de reiniging van zonde door het bloed van Jezus is volgens dit vers voorwaardelijk: we moeten voortdurend in het licht wandelen. Als we geen gemeenschap hebben met elkaar, dan leven we ook niet in het licht. Maar het bloed reinigt niemand die in de duisternis leeft!

Als schurende stenen…

Denk eens aan het verhaal van David, die als herdersjongen de strijd aanbond tegen de reus Goliath. Hij bewapende zich met zijn slinger, en zocht daarvoor een aantal gladde stenen. Waarom moesten ze glad zijn? Omdat ze anders uit koers zouden raken. Iedere scherpe rand of oneffenheid zou ze onbetrouwbaar en onbruikbaar maken. Waar zocht David die gladde stenen? Hoog in de bergen? Nee, hij daalde af naar de beek. God liet me zien dat die beek het beeld is van gemeenschap. Want wat maakte die stenen zo glad? Ten eerste het water dat voortdurend over de stenen heen stroomde. Ten tweede het feit dat de stenen door de stroming voortdurend tegen elkaar botsten. Deze twee processen slepen de scherpe kantjes van de stenen af, en maakten ze rond, glad en bruikbaar. Dat is precies wat onderlinge gemeenschap met ons doet. Echte gemeenschap vind je niet op de bergtop, de plaats van trots en zelfverheerlijking (niet zelden gevoed door ‘succes’…), maar in het dal, de plaats van nederigheid. In het dal van de beek stroomt het reinigende water van Gods Woord, dat jou voortdurend reinigt en vormt. Hier bots je ook aan tegen je medegelovigen. En iedere keer dat je tegen hen aan botst - en zij tegen jou - gaat er weer iets meer van jouw scherpe kantjes af. Een proces dat nodig is voordat Jezus je kan gebruiken. Jezus kiest stenen uit die dit proces van reiniging en schuren in de onderlinge gemeenschap hebben ondergaan.

De plaats van geestelijke geboorte

Al Gods plannen ontstaan in de gemeenschap van God met zichzelf. In Genesis 1:26, bij de schepping van de mens, zegt God: Laat Ons mensen maken naar ons beeld, als onze gelijkenis. Het was een gezamenlijke beslissing in de raad van de Godheid om de mens te maken. In de Bijbel zien we meerdere voorbeelden waarin de Godheid met zichzelf beraad houdt (zie Genesis 3:22, Genesis 11:6-7, Jesaja 6:8, Johannes 1:1,18).

Dit geldt echter niet alleen voor de Godheid, maar ook voor het volk van God. De onderlinge gemeenschap is de geboorteplaats van al Gods plannen. Zonder die gemeenschap kan er geestelijk niets geboren worden. Johannes 3:6 stelt: Wat uit het vlees geboren is, is vlees; en wat uit de Geest geboren is, is geest. Er zijn twee soorten geboorte. Er is een geboorte uit het vlees, wat vlees zal voortbrengen. Er is een geboorte uit de Geest, en die zal geest voortbrengen. Het vlees kan geen geestelijke dingen voortbrengen, of andersom. Vlees brengt vlees voort, Geest brengt geest voort. De enige geboorteplaats voor al het geestelijke leven dat God wil voortbrengen, is de gemeenschap van gelovigen. Zonder die gemeenschap is er geen geestelijke geboorte. Maar dit is een belangrijk probleem in de Kerk van vandaag. Want als er één ding in veel kerken ontbreekt, dan is het gemeenschap. De meeste kerkgebouwen zijn als het ware bijna ontworpen om onderlinge gemeenschap onmogelijk te maken; men zit in lange rijen naar elkaars rug te kijken. Maar weet je waar mensen naar verlangen, waar ze desnoods extra kilometers extra voor rijden? Voor gemeenschap! Als ik alleen maar predik en onderwijs geef, maar er komt geen gemeenschap uit voort, dan is al mijn werk voor niets. Prediking en onderwijs is een middel, geen einddoel. Het doel is gemeenschap.

De gemeenschap van de eerste christenen vond grotendeels plaats in hun eigen huizen plaats (zie o.a. Handelingen 2:46 en 47). Als je op zo’n plaats van gemeenschap bent, dan hoef je je niet druk te maken over het aantal leden. De Heilige Geest brengt zelf zielen tot leven, maar die onderlinge gemeenschap is de plaats voor geestelijke geboorte. Alleen als Gods kinderen samenkomen in onderlinge gemeenschap, kan er geestelijk nieuw leven komen. De meeste gemeenten en kerken functioneren echter op basis van comités, werkgroepen, programma’s en agenda’s. Maar dat is al heel gauw mensenwerk… vleselijk! Het kan geen geest voortbrengen. Waar zal de geestelijke geboorte dan wel plaatsvinden? In de gemeenschap! Dat is iets heel anders dan het afwerken van een agenda. Het gaat erom samen te genieten van Jezus Christus, Hem te aanbidden, Hem te delen, en vanuit die aanbidding en het delen van Hem in de Heilige Geest, kan er leven ontstaan. Zonder gemeenschap is er geen geestelijke geboorte. In Handelingen 13 lezen we over het eerste grote zendingsproject van de Kerk:

En er waren in Antiochië, in de gemeente aldaar, enkele profeten en leraars,(…) En terwijl zij de Heere dienden en vastten, zei de Heilige Geest: Zonder voor Mij zowel Barnabas als Saulus af voor het werk waartoe Ik hen geroepen heb. (Handelingen 13:1-2)

Wat waren zij aan het doen? Zij hadden gemeenschap met de Heer, dienden Hem, en beleefden ook onderling koinonia – geestelijke eenheid en vriendschap . Hieruit kwam een goddelijke opdracht voort. De uitzending van Barnabas en Saulus werd niet bedacht door een comité, maar ontstond uit onderlinge gemeenschap. In Handelingen 14:26 lezen we over het slagen van deze roeping:

En daarvandaan voeren zij naar Antiochië, waar zij aan de genade van God opgedragen waren voor het werk dat zij volbracht hadden.

Ze hadden hun opdracht volbracht. Het was gelukt! Waarom? Omdat het was geboren uit de Geest. In 1 Johannes 5:4 staat: Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld. Alles wat uit God geboren is, kan niet worden verslagen of worden aangetast door de duivel. Het is onoverwinnelijk en onverwoestbaar. Geen wonder dat de duivel ons wil afhouden van echte gemeenschap!

Toewijding en onderwerping

Nu we hebben gezien hoe belangrijk én kostbaar de gemeenschap is met God en met onze medegelovigen, wil ik graag nog op twee dingen wijzen. Om tot die gemeenschap te komen, wordt er iets van ons gevraagd, namelijk toewijding en onderwerping.

Gemeenschap vereist toewijding. Mijn eerste vrouw Lydia en ik waren met een reisgezelschap in Israël en gingen met een boottocht mee. “Weet je wat fellowship* is?”, zei ze tegen een reisgenoot. (*dit is Engels voor koinonia / gemeenschap) ,,We’re all fellows on the same ship and we can’t get off…” (,,We zijn allemaal vrienden op dezelfde boot en we kunnen er niet van af.’’) Dat is kenmerkend voor gemeenschap, dat is koinonia! Als je op ieder gewenst moment van boord kunt, dan is het geen gemeenschap.

Het tweede kenmerk is onderwerping. Je moet jezelf onderwerpen aan de ander. Wederzijds. Gemeenschap is niet hetzelfde als een groep mensen die als een ongeorganiseerde groep bijeenkomt om samen een leuke tijd te beleven. Gemeenschap vraagt om orde, discipline en onderwerping. Het sleutelvers hierbij is Efeziërs 5:21: Onderwerp u aan elkaar in de vreze van Christus.

Ten slotte wil ik je vragen om Handelingen 2:42 even te overdenken: En zij volhardden in de leer van de apostelen en in de gemeenschap, in het breken van het brood en in de gebeden. We zien hier het model voor het nieuwtestamentische leven: onderwijs, gemeenschap, gezamenlijk eten, gezamenlijk bidden. Ik wil je vragen dit patroon als uitgangspunt te nemen voor je eigen leven, zodat Gods doel bereikt kan worden: die heerlijke gemeenschap met en in Hem!

Gebaseerd op Dereks prediking ‘Fellowship’ (Deze Engelstalige cd is te bestellen via DPM Nederland, zie contactgegevens hieronder.)

e-mail: www.derekprince.nl
telefoon: 0251-255044 (09.00-13.00 uur)

Download studie als pdf

Bestel deze onderwijsbrief gratis!

Het maximale aantal is 20. Neem contact met ons op als je meer onderwijsbrieven wilt bestellen.
Vul hier je e-mailadres in zodat we contact met je kunnen opnemen indien nodig.